Volwassenheid

25-09-2013


Stijn van den Eerenbeemt

– psycholoog in opleiding tot gz-psycholoog

Het is een open deur: lezingen kunnen slaapverwekkend zijn. Je gedachten dwalen af en voor je het weet heb je je smartphone vast en scroll je hersenloos door de Twitter-berichten van die dag. Je ziet de spreker zijn best doen, maar de geluiden komen niet binnen. Je hersens staan als het ware in de stand-by modus. Dit gevoel kennen we allemaal van onze tijd op de universiteit, toch?

Het kan ook anders: op het Jubileumcongres 15 jaar GZ-psycholoog kwam ik niet aan Twitter toe. Zelfs de app van De Volkskrant heb ik niet geopend; vrij bijzonder. Het prachtige Tropeninstituut, Marc Verbraak over de NVGzP, Trudy Dehue over reïficatie en Mark van der Gaag die als GZ-specialist met baanbrekend onderzoek het bastion van de ernstige psychiatrie verovert. Inspirerend.

Toen aan het eind van de middag toch even dat “4 uur cup-a-soup inzakmomentje” leek te ontstaan, stapte Giel Hutschemaekers het podium op. Een oude bekende uit het verre Nijmegen van “mijn” universiteit. Hij begon met ons te feliciteren: 15 jaar oud en nu al een kerndiscipline in de G(G)Z. Een prachtige toekomst ligt in het verschiet. Je voelde de zaal tevreden onderuit zakken in de stoel: “We doen het eigenlijk best heel goed hè?” Voordat we allemaal met een tevreden glimlachje al knikkend naar de buurman/vrouw konden kijken, werd ons beroepengebouw in een vijftal punten volledig gefileerd. Het was als de bokser die juicht en zich alvast tot het publiek wendt, maar niet ziet dat de tegenstander opkrabbelt en rustig de tijd neemt om zijn volgende stoot uit te delen:

Rechtse hoek:
“Gezocht: klinisch psycholoog/GZ-psycholoog/psychotherapeut voor 36/u per week.” Wat is het onderscheid? Wie snapt het nog? Snappen we het zelf nog wel? Blijkbaar kunnen wij het niet uitleggen. Bij een GZ-psycholoog die zich specialiseert tot klinisch psycholoog kunnen mensen zich misschien nog iets voorstellen, maar wat doet die psychotherapeut daar? Een “specialistisch” behandelaar met een basisberoep volgens de wet BIG. Moet deze niet heel snel een logischer plek krijgen in het gebouw?

Uppercut:
Hutschemaekers ging verder. We hebben zeer competente specialisten, maar hoe logisch is onze indeling? Is de klinisch psycholoog niet vooral een super generalist? Een soort GZ plus? Hij doet alles wat de GZ doet, maar dan complexer. Bovendien: de klinisch psycholoog heeft als kerncompetentie wetenschappelijk onderzoek, maar het zijn de GZ-psychologen die in veel grotere getale promoveren naast hun werk als clinicus. Zijn we niet allemaal wetenschappers of in ieder geval kritische consumenten ervan? In de somatiek specialiseert de basisarts zich in een subdomein van de geneeskunde. Moeten wij met onze specialisten eigenlijk niet ook een dergelijke richting in?

Knock-out:
Ander probleem: Duizenden basispsychologen werken voor hongerlonen om maar aan ervaring te komen en zetten daarmee de positie van de GZ-psycholoog onder druk. De tijd tussen master en GZ-opleiding bedraagt nu bijna vijf jaar. De artsen doen dit in drie maanden. Eerst zomervakantie en vervolgens direct richting coschappen en artsenexamen. Zouden we de GZ-opleiding op termijn niet gewoon moeten koppelen aan de master en daarbij streng selecteren aan de poort? Moeten we niet hoognodig af van het stuwmeer van psychologen die wachten op een opleidingsplaats?

De professor deelde nog een paar tikken uit en even hingen we in de touwen. Wacht even, die man heeft gelijk, vinger op de zere plek. De 15-jarige puber realiseert zich dat hij er nog niet is, zich verder zal moeten ontwikkelen. De omgeving vraagt er immers meer dan ooit om. Maar verandering is moeilijk. Een volgende levensfase betekent afscheid nemen van het bekende en het onderzoeken van nieuwe mogelijkheden.

Dit zal de komende 10 jaar onze grootste uitdaging worden. De explosief groeiende NVGzP is hier bij uitstek de club voor, en zal met competente mensen voor de troepen uitlopen. Het is echter aan ons allemaal om onze club te laten groeien, met de vereniging mee te denken en ons ook op inhoudelijk vlak te verenigen. Zoals Marc Verbraak zei: “We zijn een slapende reus”. Het is tijd om wakker te worden en echt volwassen te worden.

Stijn werkt bij de afdeling Complexe Stemmingsstoornissen van GGZ Westelijk Noord-Brabant.

Zie voor de lezing van Hutschemaekers en alle andere lezingen de webpagina van het congres.