Verplichte visitatie en bij- en nascholing: doen!

24-12-2013


Lex Vendrig

Eén van mijn vragen tijdens een intake is of men eerder psychologische hulp heeft gehad en wat daarvan het meest is bijgebleven. Zo nu en dan hoor je bizarre antwoorden. Een cliënte werd in een ziekenhuis, het zal ergens in de jaren ’50 of ’60 zijn geweest, doorverwezen van een internist naar een psychiater en die vroeg haar zich geheel uit te kleden. Hij bekeek haar van alle kanten, vroeg haar zich weer aan te kleden en vervolgde het gesprek. En je zal als patiënt maar eens belanden bij een Jansen Steur.

Behalve ronduit gestoorde hulpverleners kennen we allemaal wel voorbeelden van niet helemaal lekker functionerende hulpverleners: verslaafde artsen, chagrijnige verpleegkundigen die slaap tekort komen,  gehaaste huisartsen die tegen een burnout aanlopen, psychotherapeuten die tijdens een sessie in slaap vallen … Je kunt natuurlijk niet op elke werkdag pieken en topfit zijn, maar als er te vaak fouten gemaakt worden en de kwaliteit van de zorg begint eronder te leiden wordt het natuurlijk een ander verhaal.

Er bestaan al verschillende systemen van kwaliteitsregisters en certificering  en alle specialistenregisters, waaronder die van de klinisch psychologen, hebben al een systeem van periodieke herregistratie. Maar de Inspectie voor de Gezondheidszorg wil dat er nu waarborgen gaan komen voor iedereen in de gezondheidszorg om disfunctioneren te voorkomen.

Mijn eerste reactie was: “wat een slechte timing.” De schrik zit er bij de meesten goed in na een half jaar van geconfronteerd worden met zorgverzekeraars die een uitdijend pakket aan eisen presenteren. Wie zit er te wachten op nog meer eisen en regels?

Maar … na het rapport eens goed gelezen te hebben kwam er een geruststellende gedachte in me op. De punten die de Inspectie onder de aandacht brengt zijn al lang gemeengoed bij de klinisch psychologen vanwege hun verplichte herregistratie. De eis van verplichte visitatie wordt nu ook al gesteld door sommige beroepsverenigingen.

Mijn praktijk heb ik twee jaar geleden laten visiteren. In eerste instantie met tegenzin. Maar ik moet zeggen dat ik er best wat van heb opgestoken. Het is erg leerzaam om te vernemen hoe collega’s die je niet kent hun praktijk voeren. En ik had er bijvoorbeeld nog nooit over nagedacht wat er met de dossiers moet gebeuren mocht ik toevallig komen te overlijden.

Ook het volgen van verplichte nascholing met ervaren collega’s is iedere keer een feest. Het is fascinerend  te bemerken hoeveel er telkens nog bij te leren valt. Zeker als je zelf lesgeeft, voelt het volgen van onderwijs als een dagje uit.

Ik heb nooit begrepen waarom de verplichte herregistratie alleen geldt voor de specialistenregisters en niet voor iedereen met een BIG-registratie. Het is toch van de zotte dat je ooit je BIG-registratie hebt behaald en dan tot je 67e je gang kunt gaan? Natuurlijk, als je het erg bont maakt, is er het vangnet van het tuchtcollege, maar verder is het wat betreft het op peil houden van je professionele kwaliteit ‘vrijheid blijheid.’

Bij tal van beroepen is dat wel anders. Agenten moeten periodiek aantonen dat ze lichamelijk fit zijn, piloten moeten voldoende vlieguren maken, zelfs bloembollentelers verliezen hun spuitlicentie als ze niet hun vakbekwaamheid op peil houden.

De eisen die de Inspectie voordraagt lijken mij zeer reëel: voldoende uren maken (de vlieguren), herregistratie als ijkpunt van verantwoord functioneren, het creëren van een cultuur waarbij collega’s elkaar aanspreken op disfunctioneren, en daarbij de beroepscompetenties nemen als uitgangspunt. Zo wereldvreemd is dat toch niet?

Sommigen zullen tegenwerpen dat het de eigen verantwoordelijkheid is van de zorgverlener om zijn/haar professionaliteit op peil te houden. Punt is, als je in een vliegtuig stapt dan wil je toch zeker weten dat de piloot zijn vak verstaat en dat het niet de willekeur is die bepaalt of je toevallig bij een gedreven piloot instapt of eentje die er de kantjes vanaf loopt? Het is toch prettig als er een soort van minimum pilotenbekwaamheid bestaat die voldoende veiligheid kan borgen voor iedereen? We leven nu eenmaal in een perfectionistische maatschappij die gezondheid en veiligheid hoog waardeert.

Op basis van dit gegeven is een volgende stap in het preventief borgen van de patiëntveiligheid onvermijdelijk. En vergeet niet, de wet-BIG is niet voor de beroepsbeoefenaren gemaakt, maar voor de patiënt. De Inspectie denkt en redeneert  vanuit het perspectief van de patiënt. En er komt niks bij. Als je jezelf als professional serieus neemt, doe je al op regelmatige basis aan bij- en nascholing, ga je weer opnieuw in therapie, doe je aan intervisie of teamoverleg, etc.

Is er dan helemaal niks op het rapport van de Inspectie aan te merken? Toch wel. Eén kopje roept argwaan op: ‘Zorgverzekeraars ‘fit to practice als contractvoorwaarde’ (p. 14). Voorgesteld wordt dat zorgverzekeraars alleen contracten sluiten met beroepsbeoefenaren die ‘fit to practice’ zijn, waarmee bedoeld wordt dat ze aantoonbaar competent functioneren. De afgelopen jaren zijn de zorgverzekeraars onder het mom van ‘kwaliteit’ steeds meer op de stoel van de behandelaar gaan zitten. En daar komt dan dit ‘fit to practice’ bij.  Ik houd mijn hart vast. Het goed optuigen van het controlesysteem zelf (herregistratie, visitatie, etc.) is vrij eenvoudig voor onze beroepsgroep. De grootste uitdaging is echter op basis van welke competenties we ‘fit to practice’ gaan definiëren. Verzekeraars zullen vooral de competenties centraal stellen die makkelijk controleerbaar zijn en goed passen binnen een medisch kader. Maar hierdoor, en dit is al enige tijd aan de gang, wordt de psychotherapie steeds meer het medisch model in gerommeld.

Maar psychotherapie is fundamenteel anders dan geneeskunde. Lukt het ons een eigen taal te behouden? Lukt het ons de focus op het relationele proces van therapie centraal te blijven stellen? Blijft er ruimte voor een diversiteit aan benaderingen van menselijk lijden? De focus zou veel meer moeten komen te liggen op hoe de professional zich blijft ontwikkelen qua zelfreflectie, communicatieve vaardigheden, kennis van de vakliteratuur, etc., in plaats van professionele kwaliteit te definiëren in termen van of iemand wel of geen data aanlevert bij SGB en daar financiële beloning tegenover te stellen.

Ik stel me al de volgende dialoog voor die zich afspeelt in 2020: Visiteur: “Ik zie dat u geen ROM doet.” Lex: “Klopt, ik heb het een paar jaar gedaan, ook tracking volgens Scott Miller, alleen ik heb al jaren een dropout van nagenoeg zero en de therapeutische relatie heeft voortdurend mijn aandacht, het had echt geen toegevoegde waarde voor mij.”

Visiteur: “Volgens mij gebruikt u ook geen multidisciplinaire richtlijnen, u werkt niet evidence-based.” Lex: “Niet helemaal, sommige richtlijnen gebruik ik wel maar bijvoorbeeld de richtlijn angststoornissen gebruik ik heel selectief.” Visiteur: “Maar deze richtlijn is akkoord bevonden door de hele beroepsgroep en uit onderzoek blijkt dat de voorgestelde behandelingen effectief zijn.” Lex: “Kijk, bij sommige cliënten pas ik bijvoorbeeld het CGT-paniekprotocol wel toe, maar iemand die paniekreacties ontwikkelt omdat die persoon bang is voor het voelen van eigen agressie, dan zie ik werkelijk niet in waarom ik dan het paniekprotocol zou gaan toepassen. Als die persoon zijn angst voor agressie overwint is dat twee voor de prijs van één.”

Visiteur: “Onderzoek toont aan …” Lex: “Ja, ja, ik ken dat riedeltje, kijk, ik zie het zo. Een paar decennia geleden sprak men van een ‘militair-industrieel complex’ waarmee bedoeld werd een bundeling van belangen van politiek leiderschap, militair leiderschap, en de wapenindustrie. In ons vakgebied zou ik willen spreken van een ‘VGCt-GZ-opleiding-richtlijnen-universiteit complex.’ Een handjevol mensen bezit hier de sleutelposities. CGT wordt onevenredig veel onderzocht en zwaar overschat. En het Trimbos-instituut huppelt er achteraan. Er is een collectieve amnesie voor de rijke psychotherapieliteratuur. Eeuwig zonde. Het is filosofisch allemaal zo arm.”

Visiteur: “Lex, we vinden je niet helemaal ‘fit to practice’, het zal allemaal wel wat je zegt, maar je bent gestopt met rommen en je houdt je hoe dan ook niet consequent aan de richtlijnen en we maken ons zodoende zorgen of je wel voldoende competent bent. Ook hanteer je licht paranoïde denkbeelden. Lex, we overwegen een melding te gaan maken bij het ‘Meldpunt Disfunctionerende Gezondheidszorgpsychologen’ (het MDG).”   E-mail: lexvendrig@gmail.com

One thought on “Verplichte visitatie en bij- en nascholing: doen!

  1. Lex,
    Ik ben het absoluut niet met je eens dat het verplicht zou moeten worden.
    Over welke kwaliteit hebben we het die onderzocht wordt bij een visitatie? Wat ik hoor van collega-psychotherapeuten/ visiteurs wordt de administratieve kwaliteit van je praktijk gekeurd, dat is alles. Zoals jij ook schrijft over dat je nog niet nagedacht had over wat er met de dossiers na je overlijden zou moeten gebeuren. Nuttig hoor, maar persoonlijk hecht ik daar veel minder waarde aan dan aan de kwaliteit van het werk zelf en aan de tevredenheid van cliënten. Gewetensvraag: als jou door een dierbare gevraagd zou worden wie je als psycholoog zou aanraden en jij kan kiezen tussen een visitatie-gecertificeerde en iemand die dat niet heeft laten doen maar bekend staat als erg goed, wie zou je dan aanraden? Ik heb een simpele mening over kwaliteit: als nieuwe cliënten zich op voorspraak van (oud-)cliënten melden werk je kennelijk goed. Maar ja, hoe is dat te meten he en hoe te controleren. Wat jij een perfectionistische samenleving noemt noem ik het een debiliserende samenleving.
    Ik heb ook moeite met je voorbeeld van piloten. Natuurlijk mag je er van uitgaan dat zij hun bekwaamheid op peil houden. Maar of de piloot tijdens of voor zijn vlucht drinkt of drugs gebruikt of dat hij een slaapprobleem heeft sluit je daar niet mee uit.
    Weet je wat ik niet zo gek zou vinden? Als mensen met een rijbewijs verplichte nascholing zouden moeten krijgen.
    Ik ben overigens ook tegen verplichte nascholing. Elk jaar geef ik vrijwillig een aanzienlijk bedrag uit aan nascholing, uit eigen portemonnaie, met graagte. Maar alleen aan die cursus of opleiding die nu nuttig voor mij is.
    groet, Renske

Comments zijn gesloten