Transitie Jeugdzorg heeft tijd nodig

24-02-2015


Tessa Leijser

De transitie. Iets waar ik vorig jaar, toen ik nog in de gespecialiseerde GGZ werkzaam was, erg tegen op zag. Met name na een aantal (naïef-) optimistische items en interviews op televisie van zeer enthousiaste betrokkenen, met meer of minder inhoudelijke kennis en ervaring. Hoe zouden zij de complexe cliënten die ik dagelijks zag, op een passende manier kunnen bereiken en de juiste indicaties kunnen stellen?

Inmiddels ben ik nu midden in deze spannende transitie beland. Ik werk als gz-psycholoog in een wijkteam, of, zoals het in Amsterdam heet, een ouder- en kindteam, waarin ik als ‘specialist’ betrokken ben. Mijn rol, en die van collega-psychologen, is het adviseren van de ouder- en kindadviseurs, screeningsdiagnostiek en eventueel onderkennende diagnostiek doen. Daarnaast kan ik kortdurende Basis-GGZ-behandelingen voor mijn rekening nemen. Dat geeft mij ook de taak om, wanneer een hulpvraag of probleem niet binnen het team past, tijdig en naar de juiste instelling door te verwijzen en dus ook beschikkingen uit te geven.

In januari zijn we in teams verspreid over de stad begonnen. Teams bestaande uit professionals met verschillende achtergronden; jeugdzorg, schoolmaatschappelijk werk, welzijnswerk, gehandicaptenzorg, psychiatrie. Ik was hier in het begin, en deels nog steeds, sceptisch over. Hoe gaan al die verschillende achtergronden zich uiteindelijk ontwikkelen tot één generalistisch systeem? Naar mijn idee is dat een dynamisch proces van pionieren en evalueren, waarbij de inhoud voor mij persoonlijk nog steeds leidend is.

Dichtbij en laagdrempelig

Dat laatste is precies waar de meeste zorgen over bestaan/bestonden. ‘Het blijft een bezuinigingsmaatregel’ heb ik vaker terug zien komen. En waarschijnlijk is het dat deels ook. Veel van het werk van ons team bestaat dan ook uit preventie en kortdurende, laagdrempelige hulpverlening. Maar ik zie het ook als kans, om erger te voorkomen. Zodat niet altijd de duurste zorg nodig is, omdat ouders de hulpverlening niet eerder wisten te vinden. De ouder- en kindadviseurs uit mijn team zijn gesitueerd op scholen. Hun eerste taak is zichtbaar zijn voor de ouders, een aanspreekpunt voor allerlei zaken waar ouders in de opvoeding tegen aan lopen. Dichtbij en laagdrempelig.

Tijd nodig

Toch ben ik niet alleen positief. De afgelopen weken heb ik ook gemerkt dat er nog heel veel te doen is. We zijn gezamenlijk begonnen aan een project dat vanaf de grond moet worden opgebouwd. Dat kost tijd. Terwijl er natuurlijk nog steeds kinderen zijn die hulp nodig hebben. Zij kunnen niet wachten totdat wij alles op de rit hebben. Zij hebben nú iets nodig. En ook dat vraagt afstemming in een team, waar ieder met zijn/haar eigen achtergrond een eigen visie heeft op hoe antwoord te geven op een hulpvraag. Er is heel veel kennis en ervaring, maar hoe breng je dat op een goede manier samen? Ook dat kost tijd. We proberen daarom veel samen te werken met andere organisaties in de omgeving. Leren van elkaar, gebruik maken van elkaar, en vooral doorgaan met de dingen die effectief zijn gebleken. Maar ik geef toe, dit verloopt niet altijd vlekkeloos.

Kortom, de transitie biedt veel kansen om sneller en dichter bij gezinnen zorg te kunnen bieden, maar voordat dit daadwerkelijk de juiste vorm heeft aangenomen zijn we enige tijd verder. En in de tussentijd proberen we zo goed mogelijk de gezinnen de gewenste ondersteuning te bieden, vanuit het wijkteam of door gespecialiseerde hulp te indiceren.

Tessa Leijser is als gz-psycholoog werkzaam bij het Ouder- en Kindteam (OKT) Noord Noord-Oost vanuit De Bascule in Amsterdam.

Wat zijn jouw ervaringen met de transitie van de Jeugdzorg? Geef  je reactie op deze Blog

3 thoughts on “Transitie Jeugdzorg heeft tijd nodig

  1. Dichtbij en laagdrempelig betekent dus dat daar waar andere zorg nodig is, deze niet meer vergoed wordt. Ik ben van het veraf, landelijk, gespecialiseerd (adoptie, trauma, pleegzorg, gehechtheid).
    Mijn ergste nachtmerries zijn helaas bewaarheid geworden. De transitie is voor praktijken als de mijne volledig mislukt. Ik heb het geprobeerd en me vol goede moed door alles heen geworsteld maar het heeft niet mogen baten.
    Ik heb al mijn cliënten zorg continuïteit geboden, lever zorg aan kinderen/gezinnen uit 27 verschillende gemeenten en zie mij nu geconfronteerd met een Kafkaiaanse moloch aan papierhandel, voorwaarden, declaratie eisen en vooral ook eenzijdig verlaagde tarieven. Van alle sessies sinds begin januari, zo’n 150, zijn er tot nu toe 5 betaald. Het PGB alarm geldt derhalve ook voor praktijken als de mijne. Stuitend. VNG garandeert zorgcontinuïteit maar doet niets om de kleine spelers in het veld te ondersteunen.
    Ik heb een contract met mijn regio, maar weinig cliënten die hier wonen en vier kernen die voorlopig nog even elk een eigen maniertje hebben om facturen af te handelen. Veel welwillendheid, en lieve ambtenaren maar het werkt niet.
    Buitenregionaal worden eenzijdig kortingen op tarieven door gevoerd die niet misselijk zijn en er is geen enkele rek in. De administratie tijd die ik kwijt ben is buitenproportioneel. Tot nu toe heb ten minste 100 uur in de administratie gestoken. Zonder enig resultaat en gemeenten weigeren deels papieren facturen te betalen. Daarnaast stellen ze eenzijdig tarieven vast die 3-25% onder de NZA tarieven liggen terwijl ze wel de hele administratielast bij mij leggen. Dat kan niet uit. Bizar en voor mij echt een vorm van onbehoorlijk bestuur?
    Ik heb een besluit genomen: de lopende trajecten maak ik af, ik worstel me door alle losse gemeenten en verschillende eisen en facturen heen. Eenmalig. Nieuwe cliënten neem ik alleen nog aan als zij in mijn regio wonen of als zij een traject van 20-40 sessies volledig zelf betalen. Dan zal de tijd het leren of dit wel of niet haalbaar is. Of dat ik de praktijk moet sluiten omdat dit voor mensen niet op te brengen is.
    Mijn werk gaat om inhoud. Ik lijk nu meer een administratiekantoor dan een psychologische praktijk. Zo lekt aandacht en plezier weg en dan kan ik niet goed functioneren – het is niet anders. Wat mij betreft heeft de transitie – in elk geval voor de specialistische bovenregionale hulp zoals ik deze de afgelopen jaren heb geboden – volkomen gefaald.

  2. Wat jammer dat je als je het over samenwerken hebt, niet de vrijgevestigde noemt. Ook daar zit veel kennis en ervaring en ze zitten in de buurt!

    1. Beste Estelle,

      Ik heb het niet zo opgeschreven, maar natuurlijk bedoel ik ook andere partners in de omgeving, waaronder vrijgevestigde praktijken. Al zijn we daarin ook enigszins afhankelijk van de contracten die door de gemeente zijn gesloten.

      Groeten Tessa

Comments zijn gesloten