Opleiding tot klinisch neuropsycholoog

Opleiding tot klinisch neuropsycholoog

De opleiding tot klinisch neuropsycholoog is een specialistische vervolgopleiding. Dat betekent dat zij alleen open staat voor gezondheidszorgpsychologen (gz-psychologen).

Opzet en duur
De opleiding tot klinisch neuropsycholoog duurt vier jaar. De opzet is dezelfde als van de andere opleidingen tot BIG-geregistreerde psycholoog: een combinatie van praktijkopleiding en cursorische opleiding. De gz-psycholoog in opleiding tot specialist (gios) werkt gemiddeld drie dagen per week in een praktijkinstelling. Eénmaal per vier weken is er een cursusblok van twee aaneengesloten dagen.

Opleidingsinstellingen
De opleiding tot klinisch neuropsycholoog wordt verzorgd door een landelijke opleidingsinstelling, PaON. De praktijkinstellingen waar de praktijkopleiding wordt gevolgd, zijn verspreid over het hele land. Het cursorisch onderwijs vindt plaats in Utrecht.
Inhoudelijk staat de opleidingen onder verantwoordelijkheid van een hoofdopleider. Dit is een klinisch neuropsycholoog die tevens als hoogleraar of universitair hoofddocent is verbonden aan een universiteit.

Klik hier voor de website van de opleiding tot klinisch neuropsycholoog.

Toelating
De opleiding tot klinisch neuropsycholoog heeft een aantal voorwaarden voor toelating:

  1. registratie als gz-psycholoog;
  2. een praktijkopleidingsplaats. De selectie voor praktijkopleidingsplaatsen gebeurt door de afzonderlijke praktijkopleidingsinstellingen. Soms wordt hiervoor openbaar geworven. Veel plaatsen wordt echter via interne procedures binnen praktijkopleidingsinstellingen vervuld.

De hoofdopleider beslist uiteindelijk over de toelating van kandidaten.

Kosten
De kosten van de praktijkopleiding worden gedragen door de praktijkopleidingsinstelling.
De kosten voor het cursorisch deel van de opleiding bedragen ongeveer € 30.000, exclusief de kosten van literatuur. Deze kosten dienen te worden betaald door de praktijkopleidingsinstelling. Veel praktijkopleidingsinstellingen krijgen voor het opleiden een beschikbaarheidsbijdrage (soort subsidie vanuit ministerie van VWS). Deze beschikbaarheidsbijdrage is per 2020 geheel kostendekkend. In de praktijk dienen veel opleidelingen echter deze kosten geheel of gedeeltelijk zelf te betalen. Dit is tegen het advies van de Nza en tegen het principe van het opleiden met een beschikbaarheidsbijdrage. In het Bestuurlijk akkoord ggz 2019-2022 is verder afgesproken dat voor de ondertekenaars van dit akkoord het vragen van een eigen bijdrage per 2020 niet meer mogelijk is. Dit betekent dat veel ggz-instellingen en vrijgevestigden opleidelingen geen eigen bijdrage meer mogen vragen.