Wet Zorg en Dwang in de plaats van BOPZ

13-06-2018

In januari 2018 heeft de Eerste Kamer ingestemd met het voorstel voor de Wet Zorg en Dwang psychogeriatrische en verstandelijk gehandicapte cliënten (WZD), die de plaats van de Wet Bijzondere Opnemingen Psychiatrische ziekenhuizen (BOPZ) zal innemen. In deze nieuwe wet, die in januari 2020 van kracht wordt, worden de procedures rond onvrijwillige zorg geregeld. Cliënten met psychogeriatrische stoornissen of een verstandelijke beperking en professionals, die nu te maken hebben met de BOPZ, de Wlz en de Wmo, krijgen dan ook te maken met de WZD.

Het belangrijkste element uit de WZD is het uitgangspunt dat er in beginsel geen gedwongen zorg plaatsvindt. Alleen als er sprake is van ernstig nadeel voor de cliënt én alternatieve stappen overwogen zijn, mag dwang of vrijheidsbeperking worden toegepast . De basis voor het inzetten van onvrijwillige zorg is het zorgplan, waarin de overwegingen rond dwang worden vastgelegd en waarbij natuurlijk de cliënt zelf en zijn vertegenwoordigers betrokken zijn. Verder moet het besluit om over te gaan tot dwang of vrijheidsbeperking, worden genomen in overleg tussen minimaal de zorgverantwoordelijke en een externe deskundige. Dat kan zijn een specialist ouderengeneeskunde of een Arts voor Verstandelijk Gehandicapen (AVG-) arts, een psychiater of een gz-psycholoog (mogelijk komt daar de orthopedagoog-generalist nog bij). Onder de BOPZ moet er een arts aan deze beslissing te pas komen. In de consultaties rond de nieuwe wet heeft de NVGzP zich sterk gemaakt voor de inzet van BIG-geregistreerde gedragswetenschappers. In de WDZ is deze beslissing dan ook niet langer voorbehouden aan artsen, maar kunnen ook gz-psychologen en klinisch (neuro)psychologen hierin hun verantwoordelijkheid nemen. In situaties waarin het zorgplan niet voorziet, of als er nog geen zorgplan is, moet het besluit wel schriftelijk worden vastgelegd en omschreven.

Verder is het belangrijk om alert te zijn op de definities die worden gehanteerd. Het begrip ‘vrijheidsbeperking’ heeft in de WZD een ruimere betekenis dan in de huidige BOPZ. Zo valt bijvoorbeeld het onder dwang toedienen van vocht, voeding en medicatie onder dit begrip, maar ook het beperken van bewegingsvrijheid (bijv. afgesloten ruimtes, rolstoelrem, bedhekken), het beperken van keuzevrijheid (bijv. geen keus in maaltijden, vaste bedtijden, sommige huisregels) en het houden van toezicht (bijv. camera’s, controles).

De WZD is een complexe wet. Vandaar dat gekozen is voor een vrij lange termijn voor inwerkingtreding. Ondertussen werkt het kennisplein Zorg voor Beter aan een stappenplan (klik hier) en heeft Vilans al een aantal dringende vragen voor je beantwoord (klik hier).