Uitstel besluitvorming toekomst Wet BIG

18-05-2022

De afgelopen jaren is onderzoek gedaan naar hoe de wet BIG (wet Beroepen Individuele Gezondheidszorg) toekomstbestendiger kan worden gemaakt. Dit gelet op ontwikkelingen in de maatschappij en binnen de gezondheidszorg. Psychologen, psychotherapeuten en orthopedagogen hebben meegepraat over ontwikkelingen in deze wet.

Drie onderwerpen stonden centraal in een verkennend onderzoek naar de toekomstbestendigheid van de wet BIG :

  1. voorbehouden handelingen en het toelaten van nieuwe beroepen,
  2. deskundigheidsbevordering
  3. tuchtrecht.

In een brief aan de Tweede Kamer staan de bevindingen van het verkennend onderzoek en geeft minister Kuipers aan welke acties hij hierop wil nemen. Hij stelt daarbij besluitvorming over de toekomstbestendigheid van de Wet BIG voorlopig uit en wil eerst een aantal nieuwe onderzoeken laten uitvoeren, waarvan hij de uitkomsten wil afwachten. De vier beroepsverenigingen NVGzP, NVP, NIP en NVO, die betrokken waren bij dit onderzoek (zij werden in de stuurgroep vertegenwoordigd door de FGzPt), zijn het grotendeels eens met de bevindingen en de acties die daaruit volgen, maar willen graag nog een aantal aandachtpunten meegeven voor het vervolgonderzoek, zoals:

  • De onafhankelijke adviescommissie moet de criteria voor het toelaten van nieuwe beroepen tot de Wet BIG én de voorbehouden handelingen inhoudelijk kritisch gaan bekijken;
  • De beroepsverenigingen vinden het een gemiste kans dat deskundigheidsbevordering niet verplicht wordt in de Wet BIG. Door het niet te verplichten, blijft deskundigheidsbevordering immers vrijblijvend.

Standpunt beroepsverenigingen
De wet BIG is bedoeld om de kwaliteit van de beroepsuitoefening in de individuele gezondheidszorg te bevorderen en te bewaken en de patiënt te beschermen tegen ondeskundig en onzorgvuldig handelen door beroepsbeoefenaren. Al bij aanvang van het project (in 2020) stelden de vier beroepsverenigingen zich op het standpunt dat de wet BIG in de basis goed functioneert. Fundamentele wijzigingen om de wet toekomstbestendiger te maken zijn niet nodig, vonden zij: het gaat voor een belangrijk deel om een scherpere en transparantere toepassing van de wet en betere voorlichting over de werking van de wet om verwarring daarover weg te nemen.

Voorbehouden handelingen en toelating nieuwe beroepen
In opdracht van het ministerie van VWS deed adviesbureau Ecorys een verkennend onderzoek naar voorbehouden handelingen en het toelaten van nieuwe beroepen tot de wet BIG. Dit onderzoek was met name gericht op de mogelijkheden voor doorontwikkeling van de huidige regels voor voorbehouden handelingen en de criteria voor het toelaten van beroepen tot de Wet BIG (artikel 3 en 34 Wet BIG). Minister Kuipers wil de aanbevelingen uit het verkennend onderzoek van adviesbureau Ecorys nu verder laten uitwerken door een onafhankelijke adviescommissie, bestaande uit gezondheidszorgprofessionals en gezondheidsrechtelijke experts. De onafhankelijke adviescommissie zou een integrale visie moeten ontwikkelen op de criteria voor het toelaten van  beroepen in de wet BIG (artikel 3 en 34) én de criteria voor voorbehouden handelingen. Hierbij is het van groot belang dat onze beroepsgroepen goed vertegenwoordigd worden in deze adviescommissie.

Het onderzoek is voor BIG-geregistreerde psychologen, psychotherapeuten en orthopedagogen-generalist van groot belang. De beroepen worden namelijk gereguleerd in artikel 3 van de Wet BIG vanwege de risico’s die uitgaan van de zelfstandige handelingen die worden verricht, de omstandigheden (de zeer kwetsbare/afhankelijke positie van de patiënt) waarbinnen die verricht worden én de noodzaak voor tuchtrecht. De beroepsverenigingen vinden het daarom belangrijk dat er bij het vervolg van dit project niet alleen gekeken wordt naar de criteria voor voorbehouden handelingen, maar ook dat risicovolle handelingen en de omstandigheden en de noodzaak van tuchtrecht, nadrukkelijk worden meegewogen bij een besluit tot regulering van beroepen in de wet BIG. De Wet BIG moet geen wet worden die uitsluitend beroepen met voorbehouden handelingen reguleert. Dat zou ten koste gaan van het doel dat met de wet BIG wordt beoogd.

Wat betreft het toelaten van nieuwe beroepen tot de wet BIG, geeft de minister aan dat er steeds meer beroepsgroepen ‘om oneigenlijke redenen willen worden opgenomen in het BIG-register en niet in verband met het doel dat met de wet BIG wordt nagestreefd.’ De minister wil graag dat de hiervoor genoemde onafhankelijke adviescommissie ook kijkt naar:

  • de risicoafweging (welke handelingen worden verricht en welke risico’s brengt dit met zich mee);
  • wanneer het tuchtrecht van toepassing moet zijn;
  • de huidige criteria, zoals: direct patiëntencontact, onderscheidenheid en een breed basis beroep.

Pas als alle adviezen bekend zijn, wil minister Kuipers een besluit nemen over eventuele aanpassingen van de wet BIG op dit punt.

Deskundigheidsbevordering in het kader van herregistratie
Over deskundigheidsbevordering in het kader van herregistratie is de minister duidelijk in zijn brief: ‘Het is cruciaal dat de kennis en vaardigheden van zorgprofessionals actueel blijven.’ Hij is van mening dat deskundigheidsbevordering niet vrijblijvend is en dat alle zorgprofessionals hiervoor tijd en ruimte moeten inplannen en hier continu mee aan de slag moeten blijven. Toch kiest de minister er niet voor om deskundigheidsbevordering als extra eis van periodieke registratie in de wet BIG te verankeren. De beroepsverenigingen vinden dat een gemiste kans. Door het niet te verplichten, blijft deskundigheidsbevordering immers vrijblijvend. Dit in tegenstelling tot de Jeugdwet waar deskundigheidsbevordering wél wettelijk geborgd is door middel van de registratie bij de Stichting Kwaliteitsregister Jeugd (SKJ).

Kwaliteitsregister voor gz-psychologen
Wel geeft de minister aan dat hij het belangrijk vindt dat de beroepsgroepen die nog geen eigen kwaliteitsregister hebben, deze wel gaan opzetten omdat daarin meestal wel bij- en nascholingseisen worden gesteld. Hierbij noemt Kuipers specifiek de beroepsgroep gz-psychologen in zijn brief. Hiermee geeft minister Kuipers aan dat hij beroepen die nog geen eigen kwaliteitsregister hebben, hierbij wil ondersteunen.

Tot slot wil de minister door middel van een communicatiecampagne stimuleren dat cliënten vaker kwaliteitsregisters (van beroepsverenigingen) raadplegen, omdat in deze registers bredere informatie beschikbaar is dan in het BIG-register.

Tuchtrecht
Wat betreft het tuchtrecht, is er onderzoek gedaan naar een meer lerende werking van het tuchtrecht. Ook is er gekeken naar de verantwoordelijkheidsverdeling bij onjuist of nalatig handelen van individuele beroepsbeoefenaren die werken in team- en netwerkverband. De minister is blij met de aanbevelingen die zijn gedaan in het onderzoek van de Rijksuniversiteit Groningen, zoals:

  • het toegankelijker maken van jurisprudentie, zodat het lerende effect ervan kan worden vergroot;
  • het begeleiden van zorgverleners bij een tuchtprocedure;
  • het meer benutten van de tuchtklachtfunctionaris.

De minister is dan ook van mening dat deze aanbevelingen moeten worden uitgevoerd. De vier beroepsverenigingen hebben echter aangedrongen op meer fundamenteel onderzoek naar het tuchtrecht, bijvoorbeeld ten opzichte van andere klachtmogelijkheden zoals in de Wkkgz (Wet kwaliteit klachten en geschillen in de zorg) of de Jeugdwet. Hierop heeft de minister aangegeven dat hij bereid is om het tuchtrecht van de wet BIG weer te evalueren, vijf jaar na de laatste grote wijziging. Dat zou zijn na 1 april 2024.