Uitspraak Centraal Tuchtcollege Gezondheidszorg

02-08-2019

In deze zaak, waarin een gz-psycholoog aangeklaagd wordt, wordt wederom duidelijk dat het beroep van gz-psycholoog niet iets is wat je uitzet als je thuis komt. Het hebben van een beroepseed duidt op de ontwikkeling waar dit beroep zich in bevindt.

De gz-psycholoog heeft op verzoek van een vriendin met een collega basispsycholoog gebeld over een incident op 21 december 2016. Het optreden van de gz-psycholoog als vriendin kan in dit geval echter niet geheel los worden gezien van haar hoedanigheid van gz-psycholoog. Als er in een telefonisch onderhoud met een collega (ook in de privésfeer) medische termen als “psychotisch” worden gebruikt, moet de gz-psycholoog zich realiseren dat hiervan een extra sterke lading kan uitgaan. Van de gz-psycholoog mag in zo’n situatie dan ook extra behoedzaamheid en terughoudendheid worden verwacht. Het Centraal Tuchtcollege heeft echter, evenals het Regionaal Tuchtcollege, niet kunnen vaststellen dat de gz-psycholoog in deze (nood)situatie, waar er zorg was voor het welzijn van kinderen, een grens heeft overschreden. Ook het Centraal Tuchtcollege is dan ook van oordeel dat de gz-psycholoog, gelet op de omstandigheden van het geval, niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.

Het bovenstaande leidt tot de conclusie dat het beroep van klager wordt verworpen.

Lees hier de volledige uitspraak en de beroepseed die afgestudeerde gz-psychologen sinds januari 2019 afleggen.