Tussenevaluatie wachttijden GGZ

12-04-2019



Staatssecretaris Blokhuis heeft begin april een brief naar de Tweede Kamer gestuurd over de voortgang in het terugdringen van wachttijden binnen de GGZ. Uit deze brief komt naar voren dat de wachttijdenproblematiek in de GGZ een complex probleem is.

De aanpak van wachttijden is al gedurende lange tijd inzet van betrokken partijen en zij zetten stappen in de goede richting, maar uit de eerste resultaten blijkt dat er nog een (lange) weg te gaan is. Bij 21 van de 31 regio’s blijft specifieke aandacht nodig om de wachttijden terug te dringen. Een weg die niet voor alle regio’s en diagnosegroepen even eenvoudig is. Het blijft daarom belangrijk dat alle betrokken partijen volledig gecommitteerd blijven aan de inzet om de wachttijden terug te brengen.

Landelijk beeld verbeterd, regionaal grote verschillen
De NZa concludeert, op basis van gegevens uit november 2018, dat de totale gemiddelde wachttijd in zowel de generalistische basis-GGZ als in de gespecialiseerde GGZ, binnen de Treeknorm valt. Dit is zowel het geval bij instellingen als bij vrijgevestigde zorgaanbieders. Desondanks wordt de aanmeldwachttijd van 4 weken over de gehele linie overschreden.

In de uitsplitsing naar hoofddiagnosegroepen, concludeert de NZa dat de totale wachttijd voor 3 van de 14 groepen boven de Treeknorm van 14 weken ligt. Het gaat dan om aandachtstekort-en gedragsstoornissen (15 weken), persoonlijkheidsstoornissen (18 weken) en pervasieve stoornissen (17 weken). Zorgaanbieders geven zelf aan dat ook bij angststoornissen, eetstoornissen en bipolaire- en overige stemmingsstoornissen de wachttijden te lang zijn.

In de informatiekaart concludeert de NZa dat de totale wachttijd in de generalistische basis-GGZ in geen enkele regio de Treeknorm overschrijdt. Voor de gespecialiseerde GGZ ligt dit anders. Daarin wordt de totale wachttijd overschreden in de regio’s Flevoland, Midden-Holland, Haaglanden, Apeldoorn/Zutphen, Zuid-Hollandse Eilanden en Nijmegen.

De aanmeldwachttijd (de wachttijd tussen het eerste moment dat de patiënt zich meldt en de intake) is over de hele linie te lang. En zelfs als de totale wachttijd wel binnen de Treeknorm is, zorgt dat voor extra onduidelijkheid en onzekerheid. Dat is onwenselijk. De aanmeldwachttijd moet dus worden verkort, maar zonder dat dat leidt tot verlenging van de behandelwachttijd.

Specifieke acties terugdringen wachttijden GGZ
Acties die de afgelopen periode zijn ondernomen/worden ingezet:

  • Er zijn 31 regionale taskforces opgericht, die in mei 2019 allen met een plan van aanpak komen op welke wijze de wachttijdenproblematiek wordt opgepakt.
  • De Nza zal bij de komende zorginkoop gaan monitoren op welke wijze zorgverzekeraars regionale afspraken vertalen naar individuele zorgcontracten. Daar waar nodig, zal de Nza in gesprek gaan met zorgverzekeraars om dit beleid te verbeteren.
  • Er wordt een onderzoek uitgevoerd naar de regionale inzet van ervaringsdeskundigen bij het enerzijds terugdringen van de wachttijden en anderzijds bij de ondersteuning van mensen die op de wachtlijst staan.

Vormgeven doorzettingsmacht
VWS is met de stuurgroep overeengekomen dat VWS en MIND samen een tafel organiseren om met elkaar invulling te geven aan de doorzettingsmacht in relatie tot complexe casuïstiek, zodat deze regionale doorzettingsmacht kan worden vormgegeven. Deze tafel is bedoeld om concrete situaties op te lossen, maar ook om te leren van casuïstiek die zich in het verleden heeft voorgedaan. Complicerende factor hierbij is dat het veelal gaat om verantwoordelijkheden van enerzijds gemeenten en anderzijds zorgverzekeraars. Aan de hand van concrete voorbeelden zal worden bekeken waar het systeem knelt of onduidelijk is en hoe dit opgelost kan worden.

De brief van de staatssecretaris over de wachttijden in de GGZ kun je hier vinden.