Op naar nog meer bevlogenheid?

16-09-2020


Bevlogenheid: Bezield, enthousiast, gedreven, geestdriftig, geïnspireerd, uitbundig, vurig.

Uit onderzoek komt naar voren dat bevlogenheid in het vak een belangrijke factor is in het effect van de behandeling. Michiel Linssen en Gerben Beldman zijn benieuwd naar factoren die bijdragen aan de bevlogenheid onder behandelaren. Met onderstaand stuk nodigen ze je uit om daarvoor je input te leveren.

Effectiviteit psychologische behandelingen
Wetenschappelijk onderzoek naar psychologische behandelingen heeft laten zien dat de effectiviteit wordt bepaald door een groot aantal elkaar beïnvloedende factoren. Zo spelen er onder andere cliënt- en therapeutfactoren, relationele factoren en specifieke en non-specifieke factoren[1]. Onderzoek laat eveneens zien dat er grote verschillende bestaan in effectiviteit tussen therapeuten, ongeacht de behandelmethodiek die zij gebruiken en de cliënten waar ze mee werken[2] [3]. Een belangrijke rol daarin lijken de zogenaamde Facilitative Interpersonal Skills (FIS) van de therapeut te spelen[4] [5]. Hoe goed is de therapeut in staat om de samenwerking gaande te houden, juist als het moeilijk wordt? Hoe goed weet de therapeut positieve verwachtingen te wekken en de cliënt hoopvol te stemmen? De motivatie aan te wakkeren en levensverbeterende actie en veranderingen aan te moedigen? Zaken goed te verwoorden en een geloofwaardige therapie neer te zetten, mede vanuit compassie, empathie en door zelf het goede voorbeeld te geven (practice what you preach[6])? Bezield, enthousiast, gedreven, geestdriftig, geïnspireerd, uitbundig en vurig te werk te gaan?

Oftewel, door een bevlogen therapeut te zijn!

Internationaal onderzoek
Uit een internationaal onderzoek onder duizenden (psycho)therapeuten bleek dat de overgrote meerderheid in het vak bleef, niet vanwege het geld, maar omdat ze het diepgaande contact met cliënten en het gevoel hen te kunnen helpen verbeteren, zo waarderen. Daarnaast werd er een sterke wens gevonden om steeds te blijven leren en beter te worden in het vak[7]. De meeste therapeuten zijn bevlogen over hun vak!

Tegelijkertijd lijkt het enthousiasme waarmee behandelaren hun werk uitvoeren de laatste jaren nogal onder druk te staan. Zo lijkt er een leegloop uit de GGz plaats te vinden. En blijkt uit onderzoek van het CBS dat psychologen, van alle(!) beroepen, hun werk als emotioneel het meest belastend ervaren. Het is belangrijk om burn-out en compassiemoeheid onder behandelaren te voorkomen[8] en voor een goede zelfzorg te zorgen[9].

Actie!
Dit vraagt om actie! Want juist in deze tijden lijkt het ons van wezenlijk belang dat behandelaren hun werk met passie en bevlogenheid blijven uitvoeren. Nodig voor cliënt en behandelaar.

Daarom bij deze de vraag aan jou: “Wat zorgt er bij jou voor dat je met passie en bevlogenheid in je vak blijft staan?” Hierbij kun je denken aan factoren binnen jezelf (zoals een goede balans tussen werk en privé), maar ook aan factoren buiten jezelf (zoals waardering).

Reacties mag je sturen naar gerben@beldmanopleidingen.nl. Alle inbreng wordt gewaardeerd, in een latere blog koppelen we de uitkomsten ter inspiratie aan je terug.
Op naar nog meer bevlogenheid in het vak!

Michiel Linssen, gz-psycholoog in Nijmegen
Gerben Beldman, klinisch psycholoog en Supervisor VGCT

 

[1] Lambert, M.J. (2013). The efficacy and effectiveness of psychotherapy. In: M.J. Lambert (Ed.), Bergin & Garfield’s Handbook of psychotherapy and behavior change (6th ed., pp 169-218). Hoboken, NJ: Wiley.
[2] Scholing, A. (2016). Over de Psychotherapeut en de Buurvrouw. Tijdschrift voor Psychotherapie, 42, 274-290.
[3] Castonguay, L.G., & Hill, C.E. (2017). How and why are some therapists better than others?: understanding therapist effects. Washington, DC: American Psychological Association.
[4] Wampold, B.E., Baldwin, S.A., Grosse Holtforth, M., & Imel, Z.E. (2017). What characterizes effective therapists? In: L.G. Castonguay, & C.E. Hill (Eds.) How and why are some therapists better than others?: understanding therapist effects. Washington, DC : American Psychological Association.
[5] Anderson, T., Ogles, B.M., Pattersons, C.L., Lambert, M.J., & Vermeersch, D.A. (2009). Therapist effects: Facilitative Interpersonal Skills as a predictor of therapist succes. Journal of clinical psychology, 65(7), 755 – 768.
[6] Kottler, J.A., & Carlson, J. (2014). On being a master therapist. Practicing what you preach. Hoboken, NJ: Wiley.
[7] Orlinsky, D.E., & Ronnestad, M.H. (2005). How psychotherapists develop. A study of therapeutic work and professional growth. Washington, DC: American Psychological Association.
[8] Skovholt, T.M., & Trotter-Mathison, M. (2016). The resilient practitioner. Burnout and compassion fatigue prevention and self-care strategies for the helping professions (3rd edition). New York: Routledge.
[9] Norcross, J.C., & VandenBos, G.R. (2018). Leaving it at the office: a guide to psychotherapist self-care. New York: The Guilford Press.