Onafhankelijk onderzoek kostprijzen jeugd-GGZ gepubliceerd

22-02-2019



Sinds de decentralisatie van de jeugdzorg zijn gemeenten verantwoordelijk voor de inkoop van zorg voor de jeugd. Dit leidt niet overal tot kostendekkende tarieven waardoor er op onderdelen flink onder de kostprijs specialistische jeugd-GGZ wordt geboden. Dit is geen houdbare situatie.

GGZ Nederland heeft een onafhankelijk onderzoek laten uitvoeren naar reële kostprijzen zodat het gesprek tussen gemeenten en aanbieders kan gaan over kwalitatief goede en passende zorg voor de jeugd.

Kostprijsonderzoek
Het onafhankelijke onderzoek is uitgevoerd door Berenschot. Uit het onderzoek blijkt dat de deelnemende aanbieders over het jaar 2017 gemiddeld een resultaat van -3% hebben gerealiseerd. In een aantal gevallen zijn er tekorten tot 18%. De huidige financiering van jeugd-GGZ leidt tot tekorten, die niet zonder risico en op termijn onhoudbaar zijn. Berenschot heeft de resultaten verwerkt in een handreiking. Met deze handreiking bieden zij gemeenten en aanbieders van jeugd-GGZ handvatten om het gesprek te voeren over reële kostprijzen en tarieven, gebaseerd op gevalideerde benchmarkcijfers.

Rechtszaken
Recent is een aantal rechtszaken geweest tussen gemeenten en instellingen waaruit bleek dat de tarieven te laag waren. Een rechter oordeelde – in een hoger beroepsprocedure – dat gemeenten ‘behoorlijk onderzoek’ moeten doen voor het bepalen van reële tarieven, waarbij rekening gehouden wordt met een realistische kostprijs van de zorg. Daarnaast moet er sprake zijn van een goede verhouding tussen de prijs voor de levering van jeugd-GGZ en de eisen die worden gesteld aan de kwaliteit daarvan. De rechter heeft criteria geformuleerd waarmee rekening gehouden dient te worden. “De handreiking, op basis van het onderzoek van Berenschot, voorziet hierin!”, aldus advocaat Yvonne Maasdam.

De handreiking vind je hier