NVGzP Ledenbijeenkomst hoofdbehandelaarschap en transitie jeugdzorg

01-11-2014

Hoofdbehandelaarschap en de transitie van de jeugdzorg zijn twee grote onderwerpen die gz-psychologen en specialisten sterk bezighouden. Dit werd duidelijk tijdens de ledenbijeenkomst van de NVGzP op donderdag 9 oktober in Utrecht, waar uitgebreid over deze twee thema’s werd gesproken.

Zodra NVGzP voorzitter Marc Verbraak het onderwerp hoofdbehandelaar aansnijdt tijdens de ledenbijeenkomst in de Witte Vosch te Utrecht, is het merkbaar dat dit thema ontzettend leeft bij de aanwezigen. Het gemeenschappelijk standpunt van de psychologenverenigingen is dat gz-psychologen alleen in ‘voorkomende gevallen’ hoofdbehandelaar kunnen zijn in de Gespecialiseerde GGZ. Dit zorgt voor spanning in de zaal. ‘Wat houdt in voorkomende gevallen dan in’ is een vraag die vaak wordt gesteld.

‘In voorkomende gevallen’

Inleider Tom van de Schroot legt tijdens de bijeenkomst uit waarom dit zo gecompliceerd is. Ten eerste is het moeilijk te bepalen wat de Gespecialiseerde GGZ nu eigenlijk inhoudt. ‘Het gaat vaak om multidisciplinaire zorg zoals groepsbehandelingen, waarbij teams van verschillende professionals moeten worden aangestuurd. Is de gz-psycholoog hier voldoende voor geëquipeerd? En waarom mag de psychotherapeut wel altijd hoofdbehandelaar zijn en de gz-psycholoog alleen ‘in voorkomende gevallen?’

‘In voorkomende gevallen’ kan volgens Tom op verschillende manieren worden ingevuld. ‘Je kunt onderscheiden tussen verschillende fasen in het proces, bijoorbeeld tussen indicatiestelling en uitvoering van de behandeling. Of je kunt de koppeling maken met de aanwezigheid van een kwaliteitssysteem, dat borgt dat mensen doen wat ze dienen te doen?’, betoogt hij.

‘Eindverantwoordelijk hoofdbehandelaar’

Een belangrijke rol in de discussie speelt de invulling die de zorgverzkeraar geeft aan het hoofdbehandelaarschap. Bestuurslid Joost Baas: ‘de NZa (Nederlandse Zorgautoriteit red.) zet het grote kader en omschrijft regelgeving rondom hoofdbehandelaarschap waar iedereen zich aan houdt. Vervolgens mag een zorgverzekeraar een eigen kader maken, maar het is niet duidelijk hoe dat wordt getoetst.’

Van der Schoot vertelt dat sommige zorgverzekeraars maken een onderscheid tussen Eindverantwoordelijk Hoofdbehandelaar (EHB) en Uitvoerend Hoofdbehandelaar. Voor veel aanwezigen is dit onderscheid nieuw. Verbraak vindt dat wij ervoor op moeten passen: ‘Voordat je het weet eisen psychiaters deze rol voor zichzelf op.’

Een kritisch punt is altijd de tijd die de hoofdbehandelaar moet schrijven. Dit bepalt tot op grote hoogte de praktische invulling ervan. Volgens Van der Schoot moet de EHB een substantieel aandacht leveren in de zorg, zo’n 20-30 procent van de totale zorg.’

Transitie jeugdzorg

Na een korte discussie en pauze is het tijd voor een ander veelbesproken thema: De transitie van de jeugdzorg naar de gemeenten. Inleider is Ariëlle de Ruijter, voorzitter van de Vereniging voor Kinder- en Jeugdpsychiatrie. ‘Vanaf 2015 komt de jeugdzorg onder de verantwoordelijkheid van de gemeenten. Er moet een duidelijke financieringsstructuur komen voor alles wat met jeugd te maken heeft, en ten slotte gaat ook de jeugd GGZ mee in die transitie. De Ruijter legt uit dat de jeugd GGZ zich tevergeefs tegen de plannen heeft verzet. ‘De wijziging gaat tevens gepaard met enorme bezuinigingen van 15 tot 20 procent.’

Er is niet alleen sprake van een stelselwijziging, maar ook een inhoudelijke verandering. ‘Op het moment is er sprake van één kind in het gezin, waar iedereen zich mee bemoeit. Dat verandert in een accent op het hele gezin, waarbij één plan en één regisseur horen. Verwijzingen heb je dan niet meer, specialisten schuiven aan om dat ene gezin.’

Kwaliteitsregister 

Deze decentralisatie houdt ook in dat elke gemeente voortaan zelf mag weten hoe zij dit regelen. ‘We hebben voor elkaar gekregen dat er over kwaliteit wordt nagedacht. Als je een effectieve behandeling inzet moet die vanzelfsprekend ook (kosten)efficiënt zijn. Dat geldt voor volwassenen, maar ook voor kinderen. Er komt een nieuw kwaliteitsregister voor professionals in de jeugdzorg. Dat is in het kader van de professionalisering in de jeugdzorg een belangrijke stap. Je hebt dan straks twee registers: een BIG register en een kwaliteitsregister. Daarnaast komen er afspraken met inspecties,’ legt Ariëlle uit.

Belangrijk is dat er voor de jeugd niet langer een verzekerd recht op zorg is. ‘Er zijn nog geen duidelijke richtlijnen. GGZ gaat onder de jeugdzorg vallen maar blijft ook gezondheidszorg. De BIG en WGBO blijft ook van toepassing’, vertelt Ariëlle. ‘Gemeenten kopen GGZ zorg in. Die hebben vaak geen duidelijke visie, maar dat biedt ook een kans: de branches van gespecialiseerde (jeugd)zorg en de beroepsverenigingen hebben hierdoor de ruimte om te werken aan een goede visie en een plan voor de jeugd in de toekomst.’

 

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *