Gezamenlijk standpunt hoofdbehandelaarschap

12-08-2014

De gz-psycholoog is de aangewezen hoofdbehandelaar in de Generalistische Basis GGZ. In de gespecialiseerde GGZ zijn de psychotherapeut, de klinisch psycholoog en de klinisch neuropsycholoog  geëquipeerd als hoofdbehandelaar. In voorkomende gevallen kunnen echter ook gz-psychologen als hoofdbehandelaar optreden, bij voorbeeld binnen specifieke onderdelen van de gespecialiseerde GGz of indien zij beschikken over aanvullende expertise.

Aldus het gemeenschappelijk standpunt  van twaalf samenwerkende beroepsverenigingen van psychologen en psychotherapeuten, dat op 31 juli werd gepubliceerd. Het standpunt is het eerste concrete resultaat van de samenwerking van organisaties van psychologen en psychotherapeuten, die dit jaar op initiatief van onder andere de NVGzP is gestart.

Het gemeenschappelijk standpunt is gepresenteerd aan de commissie Meurs. Deze commissie bereidt in opdracht van het bestuurlijk overleg GGZ een advies voor aan Minister Schippers over een nieuwe veldnorm voor het hoofdbehandelaarschap in de GGZ. Deze moet vanaf 2016 de huidige, voorlopige regeling vervangen.

N.B. In eerdere berichtgeving door onder andere de NVVP en GGZnieuws.nl  is ten onrechte geen melding gemaakt van de clausule over de gz-psycholoog als hoofdbehandelaar in de gespecialiseerde GGZ. GGZnieuws heeft dit inmiddels gecorrigeeerd.  

Zie ook:

7 thoughts on “Gezamenlijk standpunt hoofdbehandelaarschap

  1. De discussie over het hoofdbehandelaarschap zou ik graag nog breder willen doortrekken:
    Voor wie wordt deze discussie nu eigenlijk gevoerd? De klinisch psycholoog als hoofdbehandelaar in de sggz is mi meer een politieke keuze en op vage weinig concrete argumenten gebaseerd. De gz- psycholoog met veel ervaring in de sggz is volgens mij net zo capabel als een klinisch psycholoog voor het hoofdbehandelaarschap. De discussie zou wat mij betreft dan meer moeten gaan over de manier waarop de macht van de zorgverzekeraar en het orgaan dat de minister adviseert kan worden teruggedrongen. In mijn visie wordt er te gemakkelijk van uitgegaan dat het advies van dit orgaan breed gedragen wordt. Volgens mij is het aan de (leden van) de nvgzp om hierin een vuist te maken. De nvgzp vertegenwoordigt gz’ers en kp’ers. Wordt de discussie over het hoofdbehandelaarschap dan wel zuiver gevoerd binnen de vereniging? Leidt dit niet tot een halfslachtig standpunt?
    Ralph van Geuns

  2. Ik ben blij dat de NvGZP ons voor zover het mogelijk is op de hoogte blijft houden van de ontwikkelingen in het hoofdbehandelaarschap. Ik werk zelf als GZpsycholoog in een grote GGZinstelling in het westen van het land, en ik heb gelukkig wel de ‘luxe’ te kunnen samenwerken met psychiaters , klinisch psychologen en psychotherapeuten. Hierdoor kan de werkdruk worden verdeeld al blijft deze veel te hoog, en is nu al duidelijk dat aan de voorgenomen eisen over het hoofdbehandelaarschap nooit kan worden voldaan, lmdat er simpelweg veel te weinig zijn. Ik vraag me ook af met welk beeld de zorgverzekeraars deze eisen opstellen: uitgaande van het financiele standpunt denk ik dat het er alleen maar duurder op gaat worden als er meer psychiaters, KPers of PTers moeten komen.
    Voorlopig zie ik de GZer dus niet verdwijnen in de sGGZ. Er wordt genoemd dat we aanvullende expertise moeten hebben; weet iemand wat hiermee dan wordt bedoeld? Gaat het ook om werkervaring, of om geaccrediteerde opleidingen/cursussen?

  3. Voor mij als GZ-psycholoog met ondertussen een aantal jaren ervaring als hoofdbehandelaar in de specialistische GGZ blijft er ook nog wel erg veel onduidelijk en maakt bovenstaand standpunt zaken ook niet meer helder.

    Ik werk in een landelijke instelling voor specialistische GGZ, eigenlijk werken wij alleen met een in mijn ogen minimale bezetting aan GZ-psychlogen als hoofdbehandelaar en ben ik in mijn regio ook de enige hoofdbehandelaar geweest de afgelopen maanden. Mijn werkgever gaat er ook vanuit dat GZ-psychologen vanaf 1 januari i hun eentje hoofdbehandelaar kunnen blijven. Er is landelijk binnen mijn instelling één psychiater in dienst voor de Achmea cliënten die per 1 januari stopt, ik kan momenteel al geen overleg met hem hebben over mijn eigen cliënten en heb ook geen MDO zoals je dit verwacht. Landelijk loopt er nog een psychotherapeut rond die nauwelijks tijd heeft voor overleg omdat hij ook onderdeel is van de directie en ontzettend veel taken heeft en er is ergens nog een vrijgevestigde psychiater die niemand ooit heeft gezien die in nood medicatie zou kunnen uitschrijven maar die niet op contactverzoeken reageert. Ik heb heb teveel taken en heb dit ook teruggelegd bij de directie (dit is niet de discussie die ik hier wil voeren trouwens, ik heb jullie hier reeds eerder een mail over gestuurd maar heb hier geen reactie op gekregen, mijn collega die ondertussen is vertrokken wel). Ik geef aan bij de directie dat ik het wenselijk vind dat er een fulltime psychiater aansluit bij mijn MDO, de directie vindt dit niet nodig. Ook vind ik 1 hoofdbehandelaar per regio te weinig en zou ik graag versterking zien.

    Hebben wij enig idee wanneer onze politiek een besluit neemt mbt het hoofdbehandelaarschap in 2015? Het is reeds september en ik lees er bar weinig over terug.

    Ik lees überhaupt weinig terug mbt de specialistische GGZ: n.b. wat zijn nu eigenlijk de praktische eisen mbt het hoofdbehandelaarschap in de specialistische GGZ en hoeveel cliënten en behandelaren kan een hoofdbehandelaar onder zich dragen, wat zijn de eisen voor een MDO en is het normaal dat ik in mijn eentje ben en dat ik bijvoorbeeld geen gebruik kan maken van overleg met een fulltime psychiater in mijn eigen regio. De verzekeraars zijn hier een stuk duidelijker in maar dat is in mijn optiek niet zo voordelig

    Ik kan mijn directie geen duidelijke stukken voorleggen mbt de invulling van het hoofdbehandelaarschap en kan hen ook niet overtuigen van het feit dat er een kans is dat de GZters wellicht geen hoofdbehandelaar meer kunnen zijn vanaf 1 januari (zelf ben ik verder niet gespecialiseerd en mijn collega’s ook niet, ik ben nu de enige met een aantal jaren ervaring).

    Ondertussen ben ik opzoek naar een nieuwe baan maar merk ook hier terughoudendheid bij andere instellingen die liever een Klinisch psycholoog aantrekken. Instellingen lijken de beslissing van de politiek af te wachten.

    Denkt de NVGZP trouwens dat wij genoeg klinisch psychologen en psychiaters hebben in den lande om zaken te dekken? Vacatures kunnen nu reeds extreem lang open staan (zeg soms zomaar jaren) en ik zie niet in dat instellingen de eisen van de politiek en al helemaal de eisen van de verzekeraars die in mijn ogen bizar veel macht hebben kunnen gaan inwilligen omdat de mensen er simpelweg niet zijn.

    Met vriendelijke groet en alvast dank,

    Reineke de Bruijn

  4. Deze ongevraagde eenzijdige feedback van de voorzitter maakt duidelijk waarom er verder niemand heeft gereageerd en is voor mij reden het lidmaatschap op te zeggen. Een brede consensus betekent niet dat het correct is; dat zie je in de kankerindustrie. Er is een brede consensus dat chemotherapie zou werken terwijl 98% van de patiënten eraan overlijdt en geen van de ondervraagde oncologen zelf chemo neemt.

  5. De zaak van het hoofdbehandelaarschap is van groot belang voor de toekomst van ons vak. Het is daarom goed dat leden zo kritisch meedenken over deze kwestie; dat houdt ons als bestuur scherp. Belangrijk is ons te realiseren dat het hoofdbehandelaarschap met dit standpunt nog niet geregeld is. Ook is het van belang kennis te nemen van het feit dat de hele discussie omtrent het hoofdbehandelaarschap mede ingegeven is in het komen tot een structuurmaatregel in de GGZ die de betaling van de zorg organiseert. Dat is niet zo inhoudelijk, maar juist erg financieel. Dit financiele motief is een kracht die in de discussie over het hoofdbehandelaarschap vaak wat onderbelicht blijft, maar wel van grote invloed is. De financier van de zorg wil kunnen bepalen wie wel en wie niet voor vergoeding in aanmerking komt. Hij wil daarin kunnen selecteren en de groep van hoofdbehandelaars ook niet te groot maken, want dan raakt hij het overzicht kwijt en kan hij niet meer sturen. In het gezamenlijk standpunt is rekening gehouden met deze factoren, om te voorkomen dat we ons bij voorbaat buitenspel zetten in de discussie.

    Misschien is het goed een paar punten uit het standpunt van de twaalf partijen toe te lichten:

    1. Op dit moment kunnen gz-psychologen wettelijk gezien als hoofdbehandelaar optreden in de gespecialiseerde GGZ. De Minister heeft echter zeer duidelijk gemaakt dat dit een tijdelijke regeling is, en dat het veld met een scherpere regeling moet komen. In de tussentijd kunnen verzekeraars aanvullende eisen stellen aan het hoofdbehandelaarschap. Dat staat ook zo in de Zorgverzekeringswet. En dat doen de verzekeraars dan ook. Verzekeraars lopen hiermee dus al vooruit op een definitieve regeling: sommige staan geen hoofdbehandelaarschap voor gz-psychologen toe, andere verbinden hieraan strenge voorwaarden (bijv. over overleg in multidisciplinair team). Wij hebben ons als NVGzP juist sterk gemaakt voor een plaats van de gz-psycholoog als hoofdbehandelaar in de GGZ. Het is echter duidelijk dat dit alleen haalbaar is als hieraan duidelijke voorwaarden worden verbonden. Anders dan mw. Ridders stelt is het dus niet zo dat de gz-psycholoog bij voorbaat wordt uitgesloten van het hoofdbehandelaarschap in de gespecialiseerde GGZ.

    2. Mw. Rog heeft gelijk dat de opleidingen tot psychotherapeut en gz-psycholoog qua omvang niet veel van elkaar verschillen. Er is echter brede consensus dat de psychotherapeut in het algemeen specialistischer werk doet dan de gz-psycholoog. Om die reden wordt gestreefd naar ‘promotie’ van de psychotherapie tot een specialisme. Maar het is wat ons betreft beslist niet de bedoeling dat alle psychotherapeuten zonder meer toegelaten zullen worden tot dit specialisme. Er zal een overgangsregeling moeten komen, waar per individuele beroepsbeoefenaar wordt gekeken in hoeverre zijn of haar opleiding en werkervaring voldoende is om aanspraak te maken op de specialistenstatus.

  6. Het is merkwaardig dat de psychotherapeut zonder enige bijscholing wordt verheven tot specialist, terwijl de klinisch psycholoog en psychiater een behoorlijke opleiding hebben moeten volgen.
    Leg je de Besluiten psychotherapeut en gz-psycholoog naast elkaar, dan zie je dat er maar 80 uur verschil is in de duur van beide opleidingen tot deze basisberoepen.
    In 2006 hebben de kamers gz-psycholoog en psychotherapeut besloten dat de psychotherapeut een ‘verkorte opleiding’ tot gz-psycholoog kan volgen, en andersom. De psychotherapeut kan deze opleiding bijvoorbeeld volgen bij RINO Utrecht en de gz-psycholoog bij de SPON in Nijmegen. Door het vooruitzicht van 2016 volgt natuurlijk niemand meer de verkorte opleiding tot gz-psycholoog, terwijl gz-psychologen het normaal lijken te vinden dat ze worden ondergewaardeerd.
    Dat beroepsverenigingen achter deze onevenredige splitsing in beide basisberoepen staan, lijkt het gevolg te zijn van geld en macht. De voormalige RIAGG’s hebben hier veel profijt van; zo ook van de POH, die opdracht krijgt om naar hun eigen collegae verwijzen. Ik ben benieuwd wanneer deze voormalige RIAGG’s en hun afgesplitste instanties, weer subsidie vragen om hun wachtlijsten weg te werken. Aan hun gz-psycholoog, die de opleiding tot psychotherapeut volgt, hebben ze in ieder geval een goedkope arbeidskracht en die draagt als student ook nog eens alle verantwoordelijkheid op grond van zijn of haar BIG registratie.

  7. Graag reageer ik op de berichtgeving over het hoofdbehandelaarschap van GZ-psychologen.
    De afgelopen jaren heb ik eerst vanuit een grote GGZ instelling en later vanuit mijn eigen praktijk als hoofdbehandelaar kunne werken. IN mijn praktijk was dat mogelijk onder de paraplu van 1np.
    Ik voel me als GZ-psycholoog met veel aanvullende scholing en inmiddels veel ervaring capabel en ben dus blij met de uitspraak van de minister dat gz-psychologen als hoofdbehandelaar mogen fungeren.
    Bij overleg met de gemeente over de Jeugdzorg, wordt in onze regio de gz-psycholoog ook als hoofdbehandelaar gezien.
    Ik ben dan ook teleurgesteld dat beroepsverenigingen waardoor ik me laat vertegenwoordigen, een ander standpunt hebben ingenomen in de onderhandelingen. Dat betekent dat ik straks in mijn praktijk mogelijk het grootste deel van mijn werk niet meer kan doen. Dat kan mij veel leuk werk kosten en daarnaast dus ook een groot deel van mijn inkomen.

Comments zijn gesloten