FBZ-nieuws

18-03-2022

Mede namens de NVGzP sluit FBZ grote cao’s en sociale plannen in de zorg af met werkgevers van instellingen vanuit het belang van de werknemer. Het laatste nieuws van FBZ:

Ledenraadpleging Cao VVT: maak je mening uiterlijk 1 april kenbaar
In de nacht van 9 op 10 maart hebben FNV, NU’91 en CNV met werkgeversorganisaties ActiZ en Zorgthuisnl een onderhandelingsresultaat bereikt voor een nieuwe Cao VVT. FBZ besloot vooralsnog niet te tekenen. De reden daarvoor is dat het resultaat weliswaar een flink aantal verbeteringen bevat, maar niet voor alle werknemers even positief uitpakt. De wensen van specialisten ouderengeneeskunde zijn namelijk niet gehonoreerd. Dat er geen goede cao voor álle werknemers is gerealiseerd, weegt voor FBZ zwaar.

Maar onze leden hebben het laatste woord. De leden van de beroepsverenigingen die zijn aangesloten bij FBZ, kunnen nu hun stem uitbrengen.

NVGzP heeft naar alle leden, waarvan bekend is dat zij onder de Cao-VVT vallen, een mail gestuurd met het verzoek om uiterlijk 31 maart a.s. te reageren op het akkoord.

Mocht je als NVGzP-lid werkzaam zijn in de Cao VVT en de mail over de cao-raadpleging niet hebben ontvangen, stuur dan een mail naar: bureau@nvgzp.nl

Vervolg onderhandelingen Cao Jeugdzorg
Op 21 maart hebben vakbonden FNV, FBZ en CNV met Jeugdzorg Nederland het overleg vervolgd over een nieuwe Cao Jeugdzorg voor de ruim 32.000 jeugdzorgwerknemers. Het overleg lag vanaf eind oktober stil.

Loonbod en looptijd
De werkgeversdelegatie deed een concreet loonbod:

  • 2% structureel vanaf 1 januari 2021
  • 3% structureel vanaf 1 januari 2022 plus een eenmalige uitkering van 500 euro.
  • 2-3% structureel vanaf 1 januari 2023

Dit loonbod is aanleiding om verder te praten. Of het daadwerkelijk voldoende is zal uit het vervolg van de onderhandelingen moeten blijken. Dit moet uiteindelijk leiden tot een goed inhoudelijk totaalpakket voor een nieuwe cao die met terugwerkende kracht ingaat per 1 januari 2021.

Inhoudelijke verbeteringen
De vakbonden hebben de volgende onderwerpen op de onderhandelings-agenda gezet.
Sommige daarvan zijn op hoofdlijnen ook al verkend:

  • Regelruimte/privé-werkbalans, waaronder het recht om tijd en plaats-onafhankelijk te werken, inclusief bijbehorende tijd,-en vergoedingsregelingen. Maar ook een Individueel Keuze Budget (IKB) voor inzetten van verlof. Veder ligt als bespreekpunt de jaaruren-systematiek (JUS) op tafel.
  • Werkdruk verminderen
  • Scholingsfaciliteiten
  • Generatiebeleid en vitaliteit
  • Herziening functieboek, inclusief functieprofiel ervaringsdeskundige

Hoe verder?
Vakbonden willen nu snel handelen. Daarom zijn op korte termijn drie onderhandelingsdata gepland: 29 maart, 4 april en 8 april.

Onderhandelingsresultaat voor nieuwe Cao Gehandicaptenzorg
FBZ, FNV, NU’91 en CNV hebben in de nacht van donderdag 17 op vrijdag 18 maart een onderhandelingsresultaat bereikt met Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland (VGN) over een nieuwe Cao Gehandicaptenzorg. Werknemers krijgen in 2022 een salarisverhoging van 2,2% en in 2023 krijgen ze er nog eens 3,2% bij. Daarnaast krijgen zorgprofessionals inspraak op onderwerpen die hun werk raken.

In februari liep het overleg voor een nieuwe Cao Gehandicaptenzorg vast, omdat de cao-partijen het niet eens konden worden over met name de salarisparagraaf. Daarop ontvingen de bonden een nieuwe uitnodiging van VGN om de onderhandelingen te hervatten. Aanleiding daarvoor was dat er nieuwe ramingen waren voor de loonruimte voor 2023, die mogelijk meer financiële ruimte zou bieden.
Tijdens het onderhandelingstraject heeft VGN steeds gekoerst op (extra) salarisverhogingen voor de middeninkomens en lagere salarisniveaus. Dat lag voor FBZ ingewikkeld, omdat het bevoordelen van de ene groep niet ten koste mag gaan van andere groepen. Na negen onderhandelingsrondes lukte het uiteindelijk tot een resultaat te komen met een evenwichtiger salarisparagraaf waar alle werknemers iets aan hebben. De belangrijkste afspraken op een rij:

  • De cao loopt van 1 oktober 2021 t/m 31 januari 2024.
  • Per 1 mei 2022 worden de salarissen verhoogd met 2,2% met een bodem van 85 euro bruto per maand (op voltijdsbasis). Per 1 mei 2023 krijgen werknemers er nog eens 3,2% bij.
  • Per 1 mei 2022 vervalt van de functiegroepen 35 tot en met 50 de laagste trede van de schaal, en wordt aan de bovenkant van de schaal een trede toegevoegd; per 1 mei 2023 vervalt van de functiegroepen 40 en 45 de laagste trede van de schaal, en wordt aan de bovenkant van de schaal een trede toegevoegd.
  • Functiegroepen 55, 60 en 65 krijgen geen extra trede. Om hen tegemoet te komen, krijgen ze in plaats daarvan in mei 2022 én mei 2023 een eenmalige uitkering van 750 euro bruto (op voltijdbasis).
  • In december 2023 wordt aan alle werknemers een eenmalige uitkering verstrekt van 0,5% in de vorm van een verhoogde eindejaarsuitkering.
  • Coassistenten krijgen vanaf 1 juli 2022 een stagevergoeding van 100 euro bruto per week.
  • Er wordt een afbouwregeling ingevoerd voor werknemers in direct cliëntgebonden functies die in de laatste jaren voor hun pensioen minder willen gaan werken.
  • De PBL-regeling wordt vanaf 2023 vervangen door Balansverlof. Hierin kunnen werknemers tot maximaal 100 weken verlof sparen.
  • De vergoeding voor een onrustige slaapdienst wordt verhoogd wanneer er sprake was van minder dan 50% onafgebroken rusttijd.
  • In de cao wordt opgenomen dat zorgprofessionals inspraak krijgen op onderwerpen die hun werk raken. De precieze vorm (een staf/raad/orgaan) wordt per organisatie in overleg met de raad van bestuur vormgegeven. De zorgprofessionals nemen hiertoe zelf het initiatief.
  • In de cao wordt verduidelijkt dat het scholingsplan (dat per organisatie wordt opgesteld) erin moet voorzien dat scholing die nodig is voor de functie-uitoefening, incl. scholing voor vereiste registraties, wordt vergoed door de werkgever.
  • De positie van de gz-psycholoog in opleiding wordt verbeterd: er vindt geen salarisachteruitgang meer plaats wanneer een psycholoog binnen de organisatie in opleiding gaat tot gz-psycholoog. Bovendien kan een organisatie geen eigen bijdrage meer vragen voor de opleiding wanneer de organisatie daar subsidie voor krijgt.
  • Werknemers die lid zijn van een beroepsvereniging die is aangesloten bij FBZ, krijgen vanaf 2022 150 euro per jaar vergoed voor het lidmaatschap (dit was: 100 euro).
  • Werknemers krijgen vanaf 1 juli 2022 een thuiswerkvergoeding van € 2,00 per thuiswerkdag, als er op instellingsniveau geen eigen regeling voor een thuiswerkvergoeding is vastgesteld.

Nieuwsgierig wat er verder is afgesproken? Bekijk dan alle afspraken uit het onderhandelingsresultaat.

FBZ-onderhandelaar Maaike Langerak denkt dat het maximaal haalbare resultaat is bereikt. “We zijn blij dat het is gelukt om met name de salarisparagraaf zo in te richten dat er voor iedereen wat in zit. Daarnaast hebben we zwart op wit kunnen vastleggen dat zorgprofessionals inspraak krijgen, bijvoorbeeld bij beleidsbeslissingen die hun werk raken. Dat is een langgekoesterde wens van veel zorgprofessionals.”

Het FBZ-bestuur en de FBZ-verenigingen gaan het resultaat nu eerst bestuderen, waarna wordt besloten met welk advies het aan de achterban wordt voorgelegd.

FBZ in beraad over onderhandelingsresultaat VVT
In de nacht van 9 op 10 maart hebben FNV, CNV en NU’91 een onderhandelingsresultaat bereikt met werkgeversorganisaties ActiZ en Zorgthuisnl voor een nieuwe Cao VVT. FBZ tekende niet, omdat de wensen van vooral de specialisten ouderengeneeskunde onvoldoende zijn gerealiseerd. FBZ vindt het zeer teleurstellend dat werkgevers niet bereid bleken een goed cao-voorstel voor álle werknemers te bieden. Het FBZ-bestuur gaat nu eerst in beraad.

Uitgangspunt van alle cao-partijen was om tot een nieuwe herschreven cao te komen waarin de medewerker centraal staat. De werkgevers hebben wel herhaaldelijk aangegeven dat de financiële ruimte voor arbeidsvoorwaardelijke verbeteringen beperkt is. FBZ heeft van meet af aan benadrukt dat die verbeteringen juist nu, in een periode waarin de druk op de VVT enorm is, noodzakelijk zijn en dat die verbeteringen bovendien voor álle werknemers in de VVT moeten gelden.

Na een aantal intensieve overlegrondes werd vannacht een onderhandelingsresultaat bereikt. Daarin is afgesproken dat alle medewerkers op 1 maart 2022 een loonsverhoging van 2% krijgen, met een bodem van 65 euro per maand. De salarisschalen FWG 25 t/m 65 krijgen daar 1,25% bovenop. Op 1 maart 2023 krijgt iedereen er nog eens 3% bij. Daarnaast is onder andere een eerste stap gezet om de reiskostenvergoeding te verbeteren en krijgen werknemers meer regie over scholing en ontwikkeling.

Doorslaggevend
Het resultaat bevat een aantal goede verbeteringen, maar helaas zijn de belangrijkste wensen van specialisten ouderengeneeskunde niet gerealiseerd. Zo is een eigen inspraakregeling voor specialisten ouderengeneeskunde niet gehonoreerd. Bij de bereikbaarheidsdienst is met name de vergoeding onvoldoende.
FBZ vindt dat er een goede en aantrekkelijke cao voor alle werknemers moet komen en vindt dat daar nu geen sprake van is. Dat was de doorslaggevende reden om vannacht geen handtekening te zetten. Het FBZ-bestuur gaat nu eerst in beraad over het vervolg.

Hier moet je op letten voordat je een studiekostenovereenkomst afsluit
Cursussen en opleidingen dragen bij aan jouw professionele ontwikkeling en kwaliteit van patiëntenzorg. Het vooraf sluiten van een duidelijke studie(kosten)overeenkomst kan ervoor zorgen dat je achteraf niet voor verrassingen komt te staan. Vanaf augustus 2022 gelden nieuwe regels voor studiekostenovereenkomsten. Waar moet je op letten als je een studiekostenovereenkomst tekent? En wat gaat er veranderen?

Wat staat er in een studiekostenovereenkomst?
In een studiekostenovereenkomst staat vermeld om welke cursus, opleiding of studie het gaat. Ook hoort erin te staan wat de kosten zijn van de opleiding, wanneer de opleiding start en hoe lang het traject duurt. Ook staan er regels in wanneer en in welke situaties je studiekosten moet terugbetalen.

Kijk goed na of erin staat vermeld welke kosten je werkgever wel en niet vergoedt en maak hierover afspraken. Denk hierbij bijvoorbeeld aan boekengeld, reiskosten naar de opleiding en examengeld. Ook is het verstandig afspraken te maken over wat wel en wat niet onder werktijd valt. Moet je bijvoorbeeld een vrije dag opnemen op de cursusdagen en/of examen-dag(en)? Zorg dus dat alles duidelijk op papier staat. Bedenkt ook dat je over de inhoud van de studiekostenovereenkomst kunt onderhandelen.

Rechtelijke uitspraken over terugbetalen studiekosten
In de wet is niets vastgelegd over het eventueel terugbetalen van opleidings-/studiekosten. Dit betekent dan ook dat als je werkgever hierover geen schriftelijke afspraken met jou heeft gemaakt, hij de opleidingskosten niet op jou kan verhalen.

Hoewel er geen wetgeving is over terugbetaling van studiekosten, is er wel een aantal zaken voor de rechter geweest. Hieruit volgt dat onder bepaalde voorwaarden een verplichting van terugbetaling van studiekosten mogelijk is. Als in je overeenkomt staat dat je studiekosten moet terugbetalen bij beëindiging van het dienstverband, moet dit tijdens of direct na de afloop van de studieperiode zijn overeengekomen. Let er ook op dat erin staat dat je alleen je studiekosten moet terugbetalen als je zelf ontslag neemt, dus niet bij het sluiten van een vaststellingsovereenkomst of als je wordt ontslagen.

Daarnaast moet er een tijdsduur zijn afgesproken waarin bovenstaande afspraak na het einde van de opleiding geldt. Deze afspraak mag dus niet oneindig geldig zijn. Wat een redelijke termijn is, hangt af van de opleiding en de hoogte van de kosten. Denk hier zelf dus ook goed over na. Meestal staat in een studiekostenovereenkomst een termijn van twee of drie jaar.

Naarmate de tijd verstrijkt na het einde van de opleiding, moet er in de studiekostenovereenkomst staan dat je een kleiner deel van de kosten moet terugbetalen. Dit is een glijdende schaal. Is de helft van de tijd verstreken, dan betaal je maximaal de helft van de opleidingskosten terug. Een voorbeeld van een glijdende schaal is dat je elke maand van drie jaar 1/36e minder van de studiekosten terug hoeft te betalen als je ontslag neemt. Een ander voorbeeld is dat je het eerste jaar 75%, het tweede jaar 50% en het derde jaar 25% moet terugbetalen./

Studiekostenbeding in je arbeidsovereenkomst?
In je arbeidsovereenkomst kunnen ook afspraken staan over scholing en opleiding. Deze mogen niet in strijd zijn met wet- en regelgeving. Advies is om jaarlijks met de werkgever een scholingsbudget af te spreken. Ook is het verstandig afspraken vast te leggen over vergoeding van studiemateriaal, reiskosten en scholingstijd. Als de scholing noodzakelijk is voor het uitoefenen van je functie, moet de werkgever de scholingskosten én -tijd vergoeden.

Als er een terugbetalingsregeling in je arbeidsovereenkomst staat, heb je hier in principe voor getekend en gelden dus de afspraken die hierin staan. Wel moeten die dan ook voldoen aan de eerder gestelde voorwaarden zoals in de rechtspraak is vastgelegd. Het kan natuurlijk zijn dat je daarnaast, bijvoorbeeld voor een masteropleiding, een aparte studieovereenkomst hebt.

Nieuwe wetgeving per 1 augustus 2022
Op 1 augustus 2022 gaat naar verwachting nieuwe Europese wetgeving in. Belangrijke wijziging is dat een studiekostenovereenkomst of studiekostenbeding niet langer geldt voor scholing die op grond van de wet of cao verplicht is. Het gaat bij verplichte opleidingen meestal om opleidingen op het gebied van veiligheid en arbeidsvoorwaarden (bijvoorbeeld het bijhouden van vakbekwaamheid). Beroepsopleidingen of opleidingen die werknemers moeten volgen voor het verkrijgen, behouden of vernieuwen van een beroepskwalificatie worden hier niet onder geschaard, tenzij de werkgever deze op grond van de wet of een cao verplicht moet aanbieden.

Het wetsvoorstel regelt verder dat een studiekostenbeding nietig is, als dit betrekking heeft op een verplichte scholing waarvan de werknemer de kosten aan de werkgever moet terugbetalen als hij binnen een bepaalde periode na de scholing ontslag neemt. Dit betekent dat je dan dus niet kan worden verplicht de kosten of een deel ervan te vergoeden. Let op: dit geldt ook voor studiekostenbedingen die al zijn afgesproken, voor invoering van de wet per 1 augustus 2022.

Samengevat, alleen voor niet-verplichte opleidingen kunnen nog studiekostenbedingen worden afgesproken.

Het is verstandig juridisch advies in te winnen voordat je een studiebeding of studieovereenkomst tekent om te checken of of de afspraken overeenkomen met de regels en de jurisprudentie. 14 bij FBZ aangesloten verenigingen bieden hun leden de individuele juridische dienstverlening van FBZ aan. Als dit op jou van toepassing is, kan je met een arbeidsjurist van FBZ Rechtshulp contact opnemen. Kijk op www.fbz.nl/rechtshulp.

Klik hier voor de volledige nieuwsbrief.