Eindelijke resultaat voor nieuwe cao Ziekenhuizen

14-12-2019

Na een lange periode van actievoeren en een zeer intensief onderhandelingstraject is het in de nacht van 13 op 14 december gelukt een onderhandelaarsresultaat te bereiken voor een nieuwe Cao Ziekenhuizen. Werknemers krijgen over een looptijd van 27 maanden een salarisverhoging die oploopt van 6,4% tot 8%. Daarnaast krijgen ze een eenmalige uitkering van 1.200 euro, zijn afspraken gemaakt over minder werkdruk en wordt de onregelmatigheidstoeslag verhoogd.

In het voorjaar startten de werknemersorganisaties (FBZ, FNV, CNV en NU’91) en de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ) met de onderhandelingen van een nieuwe cao. Vanaf het begin verliep dat zeer moeizaam. De NVZ had volgens de werknemersorganisaties onvoldoende oog voor de hoge werkdruk, personeelstekorten en het ‘continu beschikbaar moeten zijn’. In juni was voor de werknemersorganisaties de maat vol. Er werd een actietraject gestart, waarbij in diverse ziekenhuizen zondagsdiensten werden gehouden. Daarna volgde op 20 november een landelijke ziekenhuisstaking op 83 ziekenhuislocaties, 32 poliklinieken en 4 revalidatiecentra.

Resultaat
De actiedag bleef niet zonder effect: minister Bruins van Medische Zorg schoof op 21 november verkenner Wim Kooijman naar voren om de impasse te doorbreken. Dat leidde uiteindelijk tot een resultaat in de vroege ochtend van 14 december. De belangrijkste resultaten:

  • De nieuwe cao loopt van 1 april 2019 tot 1 juli 2021.
  • De salarissen worden per 1 januari 2020 verhoogd met 5%. Daarbij geldt dat de salarissen vanaf functiegroep 55, trede 9 (komt overeen met ip-nr. 37) met 4% worden verhoogd plus 37 euro per maand. In 2021 worden de salarissen nog eens met 3% verhoogd; voor salarissen vanaf functiegroep 55, trede 9 (komt overeen met ip-nr. 37) geldt een structurele verhoging van 116 euro bruto per maand (3% van het bruto maandbedrag van ip-nr. 37).
  • Werknemers krijgen over 2019 een eenmalige uitkering van 1.200 euro bruto (voor parttimers is dit bedrag naar rato van de omvang van hun dienstverband).
  • De onregelmatigheidstoeslag wordt vanaf 2020 berekend over het geldende uurloon, waarbij als maximum het uurloon van functiegroep trede 6 (komt overeen met ip-nr. 28) wordt aangehouden (dit was functiegroep 50, trede 1, oftewel: ip-nr. 19). Dit kan oplopen tot een extra loon van zo’n 2%.
  • De positie van parttimers wordt verbeterd. Zij krijgen minimaal 1 roostervrije dag bij contracten tot maximaal 20 uur. Per zeven dagen wordt een medewerker maximaal 5 dagen ingeroosterd en deeltijders krijgen extra werk eerder als overwerk vergoed.
  • Er zijn diverse afspraken gemaakt over de werkdruk en de flexibiliteit van werknemers. Zo geldt er nu een maximum aantal uren overwerk voor een periode van drie maanden; straks geldt datzelfde maximum, maar dan over twee maanden. Als een werkgever een werknemer vraagt een extra dienst te doen of een wijziging aanbrengt in het rooster, moet hij al binnen 72 uur van tevoren een overwerkvergoeding betalen over de uren van de verschoven dienst in plaats van binnen 24 uur van tevoren. Deze regeling geldt ook voor parttimers. Daarnaast wordt de rusttijd na een bereikbaarheidsdienst in de nacht verlengd van 6 naar 8 uur. Tot slot krijgt een medewerker na een ingeroosterde nachtdienst minimaal 14 uur rust en het wordt verboden om dit terug te brengen naar 8 uur.
  • Ook physician assistants die lid zijn van NAPA, krijgen de kosten die verbonden zijn aan de registratie in het kwaliteitsregister voortaan vergoed.
  • Coassistenten kunnen vanaf 2020 onkosten (alle kosten in relatie tot coschappen/studie, zoals studiematerialen, kleding/schoeisel, maaltijden) declareren tot maximaal 100 euro per maand. Daarnaast krijgen ze een reiskostenvergoeding.
  • De verslechtering die de NVZ aanvankelijk voorstelde om de loondoorbetaling bij ziekte na 6 maanden met 10% te verlagen, is van tafel.
  • Ook is de verslechtering om de werkgeversbijdrage aan de IZZ-zorgverzekering te laten vervallen, van tafel. Wel geldt dat deze bijdrage vervalt voor nieuwe IZZ-verzekerden.

Reactie FBZ
Ondanks het zeer moeizame traject is FBZ-onderhandelaar Rob Koster tevreden met het resultaat. “Dat de salarisverhoging niet voor alle werknemers gelijk is, druist in tegen de cao-systematiek waarin is gedefinieerd hoe functies worden gewaardeerd en zich tot elkaar verhouden. Dat is dus tegen onze principes, maar materieel gezien is het een goed akkoord, waarbij de meeste leden van FBZ-verenigingen een verhoging van tussen de 6,4 en 8% krijgen. Overall is het resultaat bovendien een verbetering ten opzichte van het laatste bod van de NVZ, dat uitging van een looptijd van 34 in plaats van 27 maanden en dat minder concrete afspraken bevatte over werkdruk en de positie van de parttimer. Het was erop of eronder, maar het uiteindelijke resultaat ligt in lijn met andere zorgcao’s die recent zijn afgesloten. Daarnaast hebben we goede afspraken kunnen maken over de verhoging van de ORT, een betere werk-privébalans, het terugdringen van de werkdruk, en ‘boter bij de vis’ als flexibiliteit echt nodig is.”

Het FBZ-bestuur en de aangesloten beroepsverenigingen buigen zich de komende dagen over het onderhandelaarsresultaat. Vervolgens is het aan leden van FBZ-verenigingen of ze met het resultaat instemmen. Leden krijgen nog vóór de kerst van hun vereniging een uitgebreide toelichting, waarna ze kunnen stemmen.

Meer weten? Download dan het onderhandelaarsresultaat.