Heeft iedereen wel wat? Over het Nationaal Congres Destigmatisering

18-09-2014


Kim Helmus

Ken je dat glorieuze gevoel dat je de wereld vandaag helemaal aankunt? Dat dit jouw dag wordt? Dat alles gaat lukken, wat je ook probeert? Of ken je dit: dagen waarop je piekert. Waarop je somber bent zonder reden. Waarop je liever in bed zou blijven liggen en de deken ver over je hoofd trekken? Stop the world, I want to get off?

Kent onze Minister-president Mark Rutte dit soort dagen?  

Het ministerie van VWS  organiseerde vorige week een congres het Nationaal Congres Destigmatisering. VWS wil met dit congres gezamenlijk oplossingen bespreken om het taboe op psychische aandoeningen weg te nemen. Op het podium tijdens het nationaal congres houdt Rutte de openingslezing. Hij vindt dat iedereen mee moet kunnen doen. “In de participatiesamenleving moet iedereen mee kunnen doen, ook mensen met een psychische aandoening. Dat is in het belang van de mensen zelf, maar ook van onze samenleving en onze economie.” Maar is Rutte zich ook bewust van zijn eigen kwetsbaarheid en ‘gekkigheid’? Een vraag die mij te binnen schiet terwijl hij zijn integere doch ietwat afstandelijke betoog met de zaal deelt.

Hoe raar is het meisje met liefdesverdriet?

In de rij bij de supermarkt hoorde ik laatst een mevrouw verkondigen dat iedereen in het bedrijf waar ze werkte tegen haar was. Op tv zie je topvoetballers die het gras kussen voor ze het veld op rennen, omdat ze denken dat ze daarmee de wedstrijd winnen. Een meisje met liefdesverdriet is ervan overtuigd dat het nummer op de radio speciaal voor haar is uitgekozen. De zakenman op de toppen van zijn kunnen denkt dat de wereld vergaat als hij zijn voorstel niet op tijd afkrijgt en de buurman hoort zijn gedachten hardop in zijn hoofd.

Dit zijn allemaal mini-voorbeelden van wat mensen ervaren als ze een psychose hebben. Volgens sommigen zijn magisch denken, godsdiensten en conspiracy-theorieën zelfs ‘massa-psychoses’.

Grootheidswaan

Het congres bestaat uit een plenair ochtendgedeelte waarin ook Edith Schippers en verschillende bestuurders, onderzoekers en ervaringsdeskundigen aan het woord zijn. We moeten van de sprekers anders gaan denken over mensen met psychische aandoeningen. Gaat dit lukken door het organiseren van dit congres? Of spreken we hier van een grootsheidswaan?

De boodschap is: een op de vier Nederlanders krijgt tijdens zijn leven een psychische stoornis. Jouw vader. Of het kind van je vriendin. We kennen allemáál wel iemand met psychische klachten. Toch bestaan er vervelende vooroordelen over psychische stoornissen. Bijvoorbeeld dat ‘schizofrenie’ of ‘schizo-‘ betekent dat iemand meerdere persoonlijkheden heeft. Dat ‘schizo’s’ levensgevaarlijk zijn. Dat ze niet kunnen werken. 

Dat klopt niet. Het ‘gevaar’ wordt vertekend door de grote aandacht voor enkele gevallen in de media. De vooroordelen zitten positieve gedachten, begrip en aandacht voor talent in de weg. Denk anders!

Tijdens een psychose begrijpen en ervaren mensen de wereld om zich heen anders. Ze kunnen dingen horen en zien die anderen niet horen en zien, zoals stemmen of schimmen. Of ze geven bijzondere betekenissen aan informatie die binnenkomt. Bijvoorbeeld wanneer iemand de zon door de wolken heen ziet komen en gelooft dat God daarmee een opdracht geeft.

Een psychose kan iemands leven beheersen en leiden tot angst, somberheid en frustratie. Ook levert het vaak grote moeite op met initiatief nemen, met scherp denken, concentreren en slapen. Mensen met een psychose trekken zich meestal terug en isoleren zich van vrienden en familie. Myrthe van der Meer (bekend van haar boek PAAZ) beschrijft tijdens het plenaire ochtendgedeelte haar ervaringen met psychose en stigma. Ze is open en goudeerlijk: ‘ik ben schrijfster geworden tegen wil en dank door wat ik meemaakte’.

Psychiater Rutger Jan van der Gaag (voorzitter KNMG en hoogleraar kinderpsychiatrie aan de Radbouduniversiteit) opent het middagprogramma met zijn visie op bestrijding van vooroordelen en het belang om in gesprek te blijven met elkaar. En hij deelt ook wat over zijn eigen psychische worsteling. Een kwetsbare en daardoor sterke toespraak.

Een omgeving die begrip toont en steunt is meer helpend en helend dan een omgeving die angstig is, vooroordelen heeft  en de deur sluit voor mensen met een psychose. Als je je verdiept in hun verhalen, krijg je een kans om ook het talent en de kracht achter iemand met een diagnose te zien. Dat blijkt tijdens het middaggedeelte waarin mensen de meest uiteenlopende ideeën presenteren over hoe om te gaan met stigma. Tijdens deze sessies maken we kennis met diverse initiatieven en krijgen we handvatten om vooroordelen over psychische aandoeningen tegen te gaan.

De conclusie? Een betere wereld begint bij jezelf. Misschien is dat ook een (grootheids?)waan, maar wel een die de wereld wellicht stiekem een beetje mooier maakt.

Kim Helmus is gz-psycholoog en initiatiefnemer van de Wegwijzer Stigmabestrijding in de GGZ