Het behoud van online lesmogelijkheden post-corona

23-11-2022

Door: Thijs Veltman, vice-voorzitter

In de afgelopen 2,5 jaar heeft de coronapandemie op allerlei gebieden veel van ons aanpassingsvermogen gevraagd en het vervolgonderwijs binnen de GGZ is geen uitzondering. De opleidingsinstituten hebben hun best gedaan om middels online en hybride lessen het curriculum zo goed mogelijk aan te kunnen blijven bieden. Docenten én opleidelingen hebben er het beste van gemaakt met de middelen die voor handen waren. Nu de coronapandemie aan zijn eind is, zijn alle noodmaatregelen teruggedraaid en dat is zonde, zo klinkt het in opleidingsland. Want sommige maatregelen boden ook voordelen.

Een veelgehoorde klacht is dat het online lesgeven nu volledig is afgeschaft, terwijl corona nog steeds rondwaart. Dat leidt soms tot ongelukkige situaties. Wanneer een opleideling nu met corona besmet is, kan hij niet naar de les en niet online deelnemen, ook al voelt hij zich fit. Hij moet dan een vervangende opdracht maken wat meer tijd vraagt van de opleideling én van de docent die de opdracht na moet kijken en van feedback moet voorzien. Een ander bezwaar is dat sommige opleidelingen lang onderweg zijn om bij een lesdag aanwezig te zijn, waarvan soms achteraf niet duidelijk is wat de meerwaarde is van hun fysieke aanwezigheid, bijvoorbeeld wanneer de halve dag bestaat uit het kijken van een film met nabespreking. In allerlei andere sectoren hebben creatieve tijdelijke coronamaatregelen geleid tot innovatie met het oog op efficiëntie en verbetering. Waarom niet in het vervolgonderwijs binnen de GGZ?

Het bestuur van de kamer BIG-opleidelingen van het NIP heeft een survey uitgestuurd om de mening in kaart te brengen van haar achterban, de Piogs en GioSen van de acht opleidingsinstituten in Nederland. Van opleidelingen wordt verwacht dat ze kritisch meedenken over innovatie in hun werk- en leeromgeving. Het is daarom geen verrassing dat veel van hen de tijd hebben genomen om hun mening te laten horen. De survey werd ingevuld door 160 opleidelingen, met een 50/50 verdeling tussen PioGs en GioSen en respondenten uit alle opleidingsinstituten. De belangrijkste resultaten worden hier besproken.

De ruime meerderheid (70%) van de respondenten geeft aan voorkeur te geven aan behoud van een vorm van online lesgeven: ofwel een afwisseling van fysieke en online lesdagen, of de mogelijkheid tot hybride lessen, waarbij een deel van de opleidelingen op locatie is en een deel thuis. Een belangrijk argument voor hybride onderwijs is volgens hen de situatie waarin een opleideling door overmacht niet aanwezig kan zijn bij de les (bijv. een coronabesmetting). 91% van respondenten zou graag zien dat een opleideling in dat geval online kan aansluiten. Het overgrote merendeel (85%) denkt dat men betrouwbaar van zo’n regeling gebruik zou maken. De opleidelingen lijken zich ook te realiseren dat online of hybride lesgeven meer vraagt van de docent. 40% van de respondenten denkt dat de docenten te weinig begeleiding of hulpmiddelen tot hun beschikking hebben voor gedegen online onderwijs. 40% antwoordde neutraal en 20% ontkennend. Belangrijkste factoren die van invloed waren op de antwoorden van de respondenten, waren kwaliteit van het onderwijs (29%), groepsgevoel (28%), reistijd (25%) en overige.

De resultaten van de survey onderstrepen het gevoel dat heerst onder de opleidelingen: laten we profiteren van wat we geleerd hebben over de verschillende vormen van onderwijs. Het toepassen van online lesmogelijkheden heeft een meerwaarde ongeacht de landelijke coronasituatie. De opleideling is daarin géén luie student, maar een gelijkwaardige collega-psycholoog die zich verantwoordelijk voelt voor zijn bijdrage aan gedegen onderwijs.

Lees hier de update van de kamer opleidelingen