Wat als een cliënt een strafbaar feit dreigt te plegen?

Casus

Stel, je behandelt als gz-psycholoog een 44-jarige man, Kees, met verschillende psychische problemen en klachten. Kees heeft bijna veertien jaar bij de overheid gewerkt. Daarbij is hij geschorst, na een periode waarin Kees zich erg agressief gedroeg in een reeks escalerende incidenten. Kort geleden is hij ontslagen. Sinds zijn ontslag uit Kees veel kritiek op de overheid en de maatschappij. In jullie meest recente sessie vertelt hij je van zijn voornemen om een geweer aan te schaffen en een bezoekje aan zijn oud-collega’s te brengen. Mag u de politie waarschuwen?

Het belang van het medisch beroepsgeheim
Het medisch beroepsgeheim dient niet alleen het belang van de cliënt maar ook een algemeen belang, namelijk het waarborgen van een vrije toegang tot de gezondheidszorg. Als mensen niet op het medisch beroepsgeheim kunnen vertrouwen, bestaat het risico dat ze geen zorg zoeken of dat zij niet de zorg krijgen die ze nodig hebben. Het is belangrijk dat cliënten zich vrij voelen om alles met je te bespreken, dus ook hun frustraties en woede, zonder te vrezen dat deze informatie vervolgens op straat komt te liggen.

Het medisch beroepsgeheim bestaat uit een zwijgplicht en een verschoningsrecht. De zwijgplicht verplicht je om te zwijgen over alles wat jou door de cliënt is toevertrouwd. Het verschoningsrecht geeft je het recht om tegenover de rechterlijke en controlerende macht te verschonen van het afleggen van een getuigenis of het beantwoorden van vragen. [1] Dat houdt in dat je niet hoeft te getuigen en geen vragen hoeft te beantwoorden ten aanzien van vertrouwelijke informatie. Zo bewaar je het medisch beroepsgeheim, ook in de communicatie met de rechter, de rechter-commissaris, de officier van justitie en de politie.

Omvang van het medisch beroepsgeheim
Het beroepsgeheim omvat alle informatie die je tijdens de uitoefening van je beroep te weten bent gekomen, dus ook niet medische zaken, zoals gegevens die betrekking hebben op privéomstandigheden. [2] Het enkele feit dat je cliënt bij jou onder behandeling is, valt ook onder je beroepsgeheim.

In welke gevallen mag je het beroepsgeheim doorbreken?
Uitgangspunt is dat een zorgverlener geen informatie over een cliënt aan derden verstrekt. Dit geldt in beginsel ook voor cliënten die strafbare feiten hebben gepleegd of gaan plegen. Op de zwijgplicht bestaan een paar uitzonderingen. De belangrijkste daarvan zijn:

1. Met toestemming van de patiënt
Je mag (medische) informatie verstrekken aan derden met de expliciete (gerichte) toestemming van je cliënt. [3]

2. Een wettelijke plicht tot spreken
Je moet bepaalde informatie verstrekken aan derden, als een wet je daartoe verplicht. [4] Daarbij kun je denken aan het verstrekken van noodzakelijke informatie aan een gezinsvoogd. [5] Andere wettelijke bepalingen die een zorgverlener verplichten tot spreken kun je vinden in de Zorgverzekeringswet [6] en de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen. [7] Er bestaat geen meldplicht in geval van het vermoeden van een strafbaar feit.

3. Een conflict van plichten
Je kan je zwijgplicht doorbreken als je een beroep kunt doen op een conflict van plichten. Hiervan kan sprake zijn als je in gewetensnood raakt wanneer je je beroepsgeheim blijft toepassen, terwijl tegelijkertijd doorbreking van het beroepsgeheim ernstige schade of gevaar voor de cliënt of anderen kan voorkomen. Deze uitzondering op het beroepsgeheim is in de rechtspraak ontwikkeld en voor beroepsgroepen uitgewerkt in Beroepscodes en richtlijnen. Het doorbreken van het beroepsgeheim op grond van een conflict van plichten dient het laatste redmiddel te zijn. Je mag bij een conflict van plichten je beroepsgeheim pas doorbreken als in elk geval aan de volgende voorwaarden is voldaan:

  • Het is niet mogelijk om toestemming van de cliënt te vragen of te krijgen;
  • Je komt in gewetensnood als je het beroepsgeheim niet doorbreekt;
  • Zwijgen kan ernstige (verdere) schade opleveren;
  • Het doorbreken van het beroepsgeheim kan deze schade voorkomen;
  • Het beroepsgeheim wordt zo min mogelijk geschonden;
  • Je ziet geen andere weg om het probleem op te lossen.

De beroepscode van het NIP kent een vrij summiere uitwerking van deze uitzondering op het beroepsgeheim. [8] De KNMG geeft deze voorwaarden weer in haar richtlijnen voor artsen. [9]

Wat mag/moet je doen in deze casus?
Je mag dus, ook bij kennis van te plegen strafbare feiten door een cliënt, slechts in uitzonderingsgevallen overgaan tot het doorbreken van het medisch beroepsgeheim. Het uitgangspunt is dat je geen informatie over uw cliënt(en) verstrekt aan derden, tenzij de cliënt daarvoor toestemming heeft verleend. Weigert de cliënt toestemming, dan mag je alleen in geval van een conflict van plichten je zwijgplicht doorbreken, en dan nog alleen als aan strenge voorwaarden wordt voldaan. In deze casus moet er sprake zijn van een reële dreiging dat je cliënt ernstige schade toe zal brengen aan zijn oud-collega’s. Het uiten van gewelddadige ideeën is onvoldoende. Daarnaast moet het vrijwel zeker zijn dat het doorbreken van jouw medisch beroepsgeheim de enige manier is om dit te voorkomen.

Je zal altijd aan de hand van de geldende criteria zelf een afweging moeten maken, tussen het belang van geheimhouding (en daarmee de vertrouwensrelatie) en het belang dat is gediend door informatie aan derden te verstrekken. Het advies bij een conflict van plichten is om een open gesprek over het dilemma aan te gaan met de cliënt. Alleen als er gegronde zorgen om veiligheid zijn kun je dat beter niet doen.

Kom je tot de conclusie komt dat een doorbreking van het beroepsgeheim noodzakelijk is, dan moet je hierbij kiezen voor de minst ingrijpende wijze. Zo is hier misschien een mogelijke tussenstap dat je de partner van de cliënt inlicht, voordat je de politie informeert.

Uiteindelijk zal je zelf een beslissing moeten nemen, maar de afweging hoef je uiteraard niet alleen te maken. Je doet er verstandig aan om de situatie anoniem te bespreken met collega’s en u je op de achtergrond door een jurist te laten adviseren. Tot slot is het raadzaam om je overwegingen om je beroepsgeheim wel of niet te doorbreken te noteren in het medisch dossier.

[1] Art. 77 Beroepscode van het NIP

[2] Art. 88 Wet BIG, art. 457 WGBO, art. 7.3.1. lid 4 Jeugdwet, art. 71 NIP Beroepscode

[3] Art. 457 WGBO, art. 81 Beroepscode van het NIP

[4] Art. 83 Beroepscode van het NIP

[5] Art. 7.3.11 lid 4 Jeugdwet

[6] Art. 87 Zvw

[7] Art. 16 Wet BOPZ, 38c lid 6 Wet BOPZ

[8] Art. 74 Beroepscode van het NIP

[9] KNMG-richtlijn Omgaan met medische gegevens, KNMG-handreiking Politie en Justitie